Navigation – Plan du site

AccueilNuméros37Kleine godshuizen in Antwerpen, v...

Kleine godshuizen in Antwerpen, van oprichting tot herbestemming: armoe troef

Marjolijn Bijloos
p. 74-113

Résumés

À partir du XVIe siècle, une distinction s’opère entre les grandes et les petites maisons-Dieu. Les maisons-Dieu sont destinées à prendre soin des personnes âgées. Le champ de recherche de cette contribution se concentre sur les maisons-Dieu anversoises fondées sous l’Ancien Régime, situées à l’intérieur des fortifications espagnoles et établies par de riches particuliers ou des corporations d’artisans. Parmi ceux répondant à ces critères, onze ont été conservées. Après la suppression de ces institutions charitables au XIXe siècle, elles furent réaffectées de façon morcellée. Depuis, bien qu’un peu trop tardivement, ces onze maisons-Dieu ont toutes été classées comme monument historique.

Haut de page

Notes de l’auteur

Dit artikel is gebaseerd op Bijloos 2009. Het OCMW-Archief van Antwerpen verhuisde naar het Felixarchief tijdens het tot stand komen van dit artikel. Vanwege de overbrenging moet een deel van dit archief nog ontsloten worden en is het tijdelijk niet te raadplegen. Een concordantie ontbreekt, maar waar mogelijk werden de nieuwe referenties gebruikt. In de referenties wordt de schrijfwijze van eigennamen gebruikt zoals ze in de bron werd toegepast.

Texte intégral

Inleiding

  • 2 Antwerpen, FA-SA, CBG, Zorginstellingen, 2425#1: Briefwisseling [kopie van het testament van Jan Va (...)
  • 3 Querido 1960, p. 8-15; Formesyn en Bruynseraede 1993, p. 6-9.

1Tijdens het ancien régime richtte liefdadigheid zich onder meer op de zorg voor ouderen. Om deze bevolkingsgroep ondersteuning te bieden, werden godshuizen gesticht. Een godshuis was een gesloten liefdadigheidsinstelling voor eerbare zorgbehoevende bejaarden in een doorgaans stedelijke omgeving: ‘Er mag in het godshuis niemand worden opgenomen, dan eerbare Christene lieden, van goeden naam en faam, die als zij gezond zijn, dagelijks eene mis hooren.’2 De zorgbehoevende verbleef er permanent, genoot er van een pensioen en verzorging bij ziekte, en kreeg er een begrafenis. Een godshuis herbergde een zelfstandig functionerende gemeenschap, sociaal en financieel gecontroleerd door private stichters of ambachten. Een beheerder werd aangesteld door de stichter zelf of door de stedelijke overheid.3

2Het onderzoeksveld van deze bijdrage is toegespitst op de Antwerpse godshuizen gesticht tijdens het ancien régime en gelegen binnen de zogenoemde Spaanse omwalling. Van de kleine godshuizen die aan deze criteria voldoen, zijn er in Antwerpen nog elf bewaard.

  • 4 Architect en erfgoedzorger Lode De Barsée zette zich jarenlang in voor een wetenschappelijk onderbo (...)

3De kleine godshuizen kregen in de loop van hun bestaan geheel of gedeeltelijk wettelijke bescherming. Dat gebeurde vanwege het algemeen belang op basis van historische, artistieke, architecturale of oudheidkundige waarden. Na de oprichting van de Antwerpse dienst voor monumentenzorg onder de bezielende impuls van architect Lode De Barsée (1914-1990) kwam de bescherming van de diverse godshuizen geleidelijk tot stand.4

  • 5 De inventaris van het cultuurbezit in België onder leiding van Van Aerschot-Van Haeverbeeck is uitg (...)

4In Antwerpen heeft de stedelijke dienst Monumentenzorg bevoegdheid voor het niet-beschermd erfgoed. Het Agentschap Onroerend Erfgoed van de Vlaamse overheid beheert het beschermde patrimonium. Bij ingrepen aan erfgoed moeten deze instanties de vergunningsaanvragen beoordelen. De beschermingsbesluiten van de jaren 1970 en 1980 zijn echter summier opgesteld. De dossiers beperken zich tot de kadastrale gegevens, een percelenplan, foto’s van het exterieur en een uittreksel uit de inventaris Bouwen door de eeuwen heen.5

5Voor dit onderzoek zijn de godshuizen zelf de belangrijkste bron, maar de beperkte openbaarheid van de gebouwen was sterk bepalend. Veel studiemateriaal werd gewonnen uit literatuur, iconografie en archiefstukken. De informatie per godshuis blijft dus erg versnipperd door factoren als toegankelijkheid en beschikbaar bronnenmateriaal. Dit artikel bekijkt de context waarin de kleine godshuizen ontstonden en welke opeenvolgende invullingen ze kregen tot hun huidige bestemming.

Organisatie van de armenzorg en de eerste godshuizen

  • 6 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 7-8; Lis en Soly 1986, p. 25-31; De Commer 1993, p. 18.

6De oudste liefdadigheidsinstelling in Antwerpen dateert uit het midden van de dertiende eeuw. Daarna kwamen aanvullende initiatieven die zich toelegden op armenzorg. Voor de oprichting werden de bestaande parochiale structuren aangewend. De clerus en de rijkste burgers stonden in voor de organisatie en de financiering. Met het oog op sociale vrede kwam er maatschappelijke controle van behoeftigen en werklozen. De liefdadigheidsinstellingen beletten de verpaupering van klassegenoten en leden van hetzelfde ambacht in tijden van economische malaise.6

  • 7 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 7-8.

7De oudste van die liefdadigheidsinstellingen was de Tafel van de Heilige Geest, opgericht in 1249 op burgerlijk initiatief en gevestigd binnen de parochie van de Onze-Lieve-Vrouwekerk. Nadien ontstonden andere Heilige Geesttafels: de Tafel van Sint-Walburgis (1301), de Tafel van Sint-Joris (1304), de Tafel van SintJacobs (1475) en de Tafel van Sint-Andries (1529). De Tafels werden beheerd door leken: de heiliggeestmeesters. Ze hielden bedelingen, maar die gebeurden selectief. Slechts aan bepaalde categorieën van armen werd bijstand verleend. Zo kwamen enkel eerzame, behoeftige leden van de parochie in aanmerking.7

  • 8 Aalmoezenier is in oorsprong een kerkelijke functie, gericht op de zorg van zieken en behoeftigen: (...)

8De Armenkamer of de Kamer der Huisarmen, beheerd door aalmoezeniers, werd in 1458 met toelating van de stadsmagistraat opgericht als liefdadig orgaan dat onafhankelijk van de Heilige Geesttafels functioneerde. De aalmoezeniers haalden geld op en hielden huisbezoeken bij de armen. Ze deelden geld, brandstof, kledij en voedsel uit ten behoeve van vondelingen en armen die geen steun van de Heilige Geesttafels genoten.8

  • 9 Verbeke 2018, p. 68-69.
  • 10 Auteurs als De Lattin, De Commer, Mertens en Torfs beschouwen de Infirmerie van het Klapdorp uit de (...)

9Naast de Heilige Geesttafels en de Armenkamer speelden particulieren uit de brede lagen van de burgerij een cruciale rol binnen de armenzorg, vooral wat de oprichting van stichtingen en financiële donaties betreft.9 In Antwerpen werden in de veertiende eeuw de eerste volwaardige godshuizen gesticht door particulieren en ambachten.10 Pas in de zestiende en de zeventiende eeuw nam het aantal stichtingen voor ouderen aanzienlijk toe [afb. 1].

[Afb. 1]

[Afb. 1]

Plattegrond van de stad Antwerpen met aanduiding van de kleine godshuizen (nummers uit tabel afb. 3). Onbekend (graveur), Plattegrond van de stad Antwerpen met de citadel en het Vlaamse Hoofd, Antverpia in C. Scribanus (auteur), Origines Antverpiensium. Antverpiae Off. Plant. J. Moretus, p. 54, 1610, kopergravure op papier, 23,4 x 32,2 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. PK.OP.15259).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 11 Verbeke 2018, p. 64-65 en 69.

10In de zestiende eeuw verstrengde Antwerpen de controle op sociale onrust en bedelarij door middel van regels en ordehandhaving. Het stadsbestuur streefde daarbij naar inspraak in het beheer van particulier opgerichte instellingen.11

  • 12 De Commer 1993, p. 22 en 27.
  • 13 Verhelst 1995, p. 4.
  • 14 Dries 1930, p. 238; Pais-Minne 1975, p. 182; De Commer 1993, p. 22.
  • 15 Blondé et al. 2011, p. 288.

11In 1540 werd armenzorg onderworpen aan de eerste centralisatiemaatregelen. De goederen van liefdadige instellingen zoals de Tafels en de godshuizen werden overgedragen aan de aalmoezeniers van de Armenkamer en een gecoördineerd en selectief systeem van algemene bedeling zag het licht.12 Alle middelen van de armenzorg kwamen zo terecht in een gemeenschappelijke kas, de ‘gemene beurs’.13 De instellingen zelf verzetten zich tegen die centralisatiemaatregel. In 1557 waren enkele godshuizen en Heilige Geesttafels nog steeds niet bij de gemene beurs aangesloten.14 Hoewel de Heilig Geesttafels hun geld in de centrale boekhouding zagen verdwijnen, bleven de kerk en de parochie een sleutelrol in de armenzorg vervullen.15

  • 16 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 10-11; Blondé et al. 2011, p. 294.

12De tweede grote hervorming van de Antwerpse armenzorg kwam er in 1779. De Armenkamer werd omgevormd tot de Nieuwe Bestiering van den Algemeynen Armen. Commissarissen namen de taken van de aalmoezeniers over. De clerus bleef wel deel uitmaken van het armenbestuur.16

Kleine godshuizen

  • 17 Vondelingenhuis en Zinnelooshuis in de Sint-Rochusstraat, Meisjesweeshuis in de Lange Gasthuisstraa (...)
  • 18 Philippen 1941, p. 5-6; De Commer 1993, p. 44-45.

13Vanaf de zestiende eeuw werd een onderscheid gemaakt tussen kleine en grote godshuizen. De grote godshuizen waren het Zinnelooshuis voor zwakzinnigen (Dulhuis), het Meisjesweeshuis (Maagdenhuis), het Jongensweeshuis (Knechtjeshuis) en het Vondelingenhuis.17 De kleine godshuizen, gericht op armen- en bejaardenzorg, namen in de loop van het ancien régime toe tot minstens tweeënveertig entiteiten. In de praktijk bleef de term godshuis voorbehouden voor deze tweede categorie.18

  • 19 De Commer 1993, p. 23 en 45; Verhelst 1995, p. 7; Verbeke 2018, p. 72.

14De kleine godshuizen werden gesticht door rijke burgers en ambachten. Particulieren legateerden hun erfenis bij testament. Het eigen zielenheil en het prestige van hun familie waren de belangrijkste beweegredenen. Hoewel deze liefdadigheidsinstellingen tot doel hadden arme bejaarden op te vangen, blijken armoede en leeftijd niet altijd selectiecriteria geweest te zijn voor opname in een godshuis. Godshuizen stonden immers niet open voor de totaal berooiden, aangezien intredegeld kon worden opgelegd. Na het overlijden van een inwoner gingen de persoonlijke bezittingen naar het godshuis.19

  • 20 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (14901549), SR#103, fol. 94r-94v; An (...)
  • 21 Mertens en Torfs opperen dat het schoenmakersambacht een godshuis had in de Venusstraat. Een kaart (...)

15Ambachten richtten godshuizen op voor de opvang van oude, verarmde leden. In Antwerpen bleef dit fenomeen beperkt tot initiatieven van vijf corporaties: de bontwerkers (Wolstraat), de huidenvetters en de schoenmakers (Huidevettersstraat), de schippers (Lange Schipperskapelstraat), de kleinhandelaars of ‘meerseniers’ (Lange Nieuwstraat) en de smeden (Paardenmarkt).20 Ambachten stelden een armenbus ter beschikking voor hun leden bij wijze van sociale zekerheid.21

  • 22 Het is zeer waarschijnlijk dat er in Antwerpen veel meer dan die tweeënveertig getelde godshuizen b (...)

16Niet minder dan tweeënveertig kleine godshuizen lagen verspreid over de hele stad. Bepaalde wijken kenden een vrij hoge concentratie, zoals de zone Paardenmarkt-Klapdorp met de Falconrui, de schippersbuurt bij de Oudemansstraat, de Korte en de Lange Nieuwstraat en in de omgeving PrinsstraatOssenmarkt.22 De beschikbaarheid van voldoende ruimte was de belangrijkste vereiste voor de vestiging van een godshuis. In het dichtbebouwde oude centrum was ruimte schaars, maar in de laatmiddeleeuwse periferie waren grotere percelen voorhanden. De inplanting van de godshuizen binnen de stad vond eerder willekeurig plaats en was niet afhankelijk van stedelijke referentiepunten zoals stadspoorten, waterwegen, handelsroutes en kerkelijke instellingen.

  • 23 Asaert 1978, p. 54-55.
  • 24 Verbeke 2018, p. 69.

17De keuze van de plaats voor de stichting blijkt verschillend voor godshuizen die opgericht waren door rijke particulieren en voor godshuizen gesticht door ambachten. Die laatste werden vanzelfsprekend gevestigd op plaatsen waar een hoge concentratie ambachtslieden een activiteit uitbouwden. Zo bevond het godshuis van de huidenvetters en de schoenmakers zich in de wijk van de huidenvetterijen bij de Huidevettersstraat en de Lange Gasthuisstraat. Het godshuis van de smeden stond in de Toog aan de Paardenmarkt, waar de paarden werden getoogd of getoond en verkocht. En de schippers hadden hun godshuis vlak bij de Schelde in het noorden van de stad.23 Particuliere stichters daarentegen legden de plaats van een godshuis meestal vast in hun testament, al konden ook de erfgenamen of de testamentuitvoerders de locatie bepalen. Een godshuis werd gebouwd op de grond van de stichter. Soms stelde hij een bestaand gebouw of zelfs zijn eigen woning ter beschikking.24

Beheer en bewoners

  • 25 Geudens 1898, p. 161 en 164; De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 185 en dl. 6, p. 65; Philippen 1941, p. (...)
  • 26 De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 9-13 en dl. 6, p. 69.

18Slechts uitzonderlijk ging het beheer van een godshuis uit van de particuliere stichter zelf, omdat een stichting dikwijls pas gebeurde na diens overlijden. De stichter duidde daarom personen aan die voor het beheer konden instaan. Tot de eerste helft van de zestiende eeuw was het vaak familie die het beheer voerde, zoals bij de godshuizen Sint-Anna, Sint-Barbara en Almaras. Vanaf de tweede helft van de zestiende eeuw werd dat beheer in de meeste gevallen overgedragen aan de aalmoezeniers van de Armenkamer. Het dagelijks bestuur werd evenwel toevertrouwd aan de meester of meesteres, ook vader of moeder genoemd, die deel uitmaakte van de gemeenschap. Een dienstmeid of knecht stond in voor het onderhoud. Een godshuis kon beschikken over een kapelaan, die de eredienst verzorgde en die binnen het godshuis soms een eigen woning had.25 De ambachten waren tot het einde van de achttiende eeuw zelf verantwoordelijk voor het beheer van hun godshuizen.26

  • 27 Potagie was een pap van erwten en bonen: Van Calster 1992, p. 20-21, 33 en 43, 52-54; Verbeke 2018, (...)

19De stichter nam de huisregels op in zijn testament. Elk godshuis beschikte over eigen voorschriften, die mogelijke nieuwe beheerders in ere hielden. Terugkerende regels luidden als volgt: inwoner van Antwerpen zijn, niet zelf kunnen instaan voor eigen onderhoud, afstand doen van eigen bezit, vrij van schulden zijn, goed gedrag en zeden vertonen, in behoorlijke gezondheid verkeren en religieuze verplichtingen naleven. Van de bewoners kon worden verwacht dat ze elkaar verzorgden en hielpen bij dagelijkse taken. De bedelingen die waren vastgelegd in de statuten bestonden hoofdzakelijk uit geld, brood en brandstof, aangevuld met bier en potagie.27

  • 28 De officiële naam voor de binnenplaats achter de Sint-Niklaaskapel van het SintNiklaasgodshuis in d (...)

20Alleenstaande volwassen vrouwen waren sociaal en economisch kwetsbaarder dan zij die gehuwd waren en kwamen dus gemakkelijker in de kleine godshuizen terecht. Ambachtsgodshuizen waren enkel voor de behoeftige leden en hun families bestemd. Het godshuis Sint-Niklaas aan de Sint-Nicolaasplaats en het godshuis van de bontwerkers vingen gezinnen op. In de loop van de tijd kon het profiel en het aantal bewoners veranderen. Godshuis Almaras was oorspronkelijk opgericht voor vrouwen, maar vanaf de heropbouw in 1838 bood het opvang aan echtparen.28

  • 29 De stal van godshuis Van der Biest werd in 1913 verbouwd tot twee woningen voor bejaarden: Antwerpe (...)

21Kleine godshuizen werden gewoonlijk gekenmerkt door hun beperkte middelen en bleven dikwijls afhankelijk van schenkingen van een of meer weldoeners. Uitzonderlijk konden godshuizen eigen inkomsten genereren. Het Sint-Annagodshuis haalde opbrengst uit de huur van een woning die naast de kapel in de Korte Nieuwstraat gelegen was. Godshuis Van der Biest verhuurde een stal gelegen aan de straatzijde, naast de toegangspoort [afb. 2]. De huizen rond de SintNicolaasplaats werden verhuurd aan kleine zelfstandigen. Sint-Barbara verhuurde een huisje dat grensde aan de eigendom van een particulier, die het gebruikte als werkhuis totdat het werd omgebouwd tot wasplaats.29

[Afb. 2]

[Afb. 2]

Mutatieschets van het godshuis Van der Biest. De stal (166b) werd in 1913 verbouwd tot twee woningen (166q-166p). De toegang naar de binnenplaats (168b) en de kapel (168a) zijn ook afgebeeld (FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1915, nr. 5, perceelnr. 166v).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 30 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 10-13; Vercauteren 2001, p. 3-4.
  • 31 Verhelst 1995, p. 15. Sinds 2009 heeft Antwerpen naast het OCMW ook het zelfstandig publiekrechteli (...)

22Tijdens het Franse bewind (1792-1815) onderging de armenzorg ingrijpende wijzigingen. Er werden nieuwe instanties opgericht die ressorteerden onder het stadsbestuur. Het Bureel van Weldadigheid verstrekte bijstand aan armen die zelfstandig woonden en regelde begrafenissen. De Commissie der Burgerlijke Godshuizen stond in voor het beheer van de grote en de kleine godshuizen. Ze was belast met de opvang van de behoeftigen. Omdat de kleine godshuizen de meest verarmde ouderen weigerden, moest de Commissie op zoek naar een andere oplossing. De stedelijke administratie zocht heil in het plaatsen van deze bejaarden bij kostgezinnen op het platteland.30 Het Bureel van Weldadigheid en de Commissie der Burgerlijke Godshuizen bleven bestaan tot 1925. Nadien werden deze overheidsinstanties overgedragen aan de Commissie van de Openbare Onderstand (COO), het huidige Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW).31

Bewaard gebleven kleine godshuizen

23Vandaag zijn er in Antwerpen nog elf kleine godshuizen bewaard. De tabel bevat een opsomming in chronologische volgorde per type [afb. 3].

[Afb. 3]

Nr.

Naam godshuis

Plaats

Jaar stichting

Jaar heropbouw

Bijzondere aspecten

Particulieren

1.

Onze-Lieve-

Vrouw-vanToevlucht

Schoenmarkt 8 en

Schrijnwerkersstraat 14-18

1343

1887

Oorspronkelijk bedoeld als klooster.

Aalmoezenhuis genoemd, nadat

Armenkamer het beheer overnam

2.

Sint-Anna

Korte Nieuwstraat 18-22

1400

1829:

oostelijke vleugel

Westelijke vleugel onderging in 1829 grondige aanpassingen, maar had oudere sporen

3.

Almaras

Paardenmarkt 89

1477

1838

Laatste bouwfase in 1855

4.

Sint-Barbara

Lange Nieuwstraat 84-86

1489

Ingrijpende aanpassingen in 1922

5.

Heiliggeesthuisjes

Sint-Jacobstraat 5-13 (aan het westportaal van de Sint-Jacobskerk)

1496: Jezusstraat (west)

1604: Jezusstraat (oost)

1639: Sint-Jacobstraat

1769

Aanvankelijk in de Vijfringengang aan de Jezusstraat met benaming godshuis De Vijf Ringen

6.

Van der Biest

Falconrui 51

1504

1855

Stal werd omgebouwd tot twee woningen in 1913

7.

Mazengang en Van Nispen

Korte Ridderstraat 23

(Van Nispen vandaag toegankelijk via Augustijnenstraat)

1539: Elisabeth Nagels

+

1636: Antonius Geeraerts

1626: Balthazar van

Nispen

1844: heropbouw

Van Nispen

1779: Mazengang verhuisde van

Keizerstraat naar Korte Ridderstraat

Eén bouwkundig geheel, twee gescheiden stichtingen

8.

Lantschot

Falconrui 67

1656

Bouw van 1658-1662

9.

Crauwelenhof

Sint-Paulusplaats 1 (Crauwelengang)

1695

1866

Hoeve als onderdeel van het oorspronkelijke godshuis

Ambachten

10.

Sint-Niklaas

Lange Nieuwstraat 3-5 aan de SintNicolaasplaats

1422

1849: verbouwing van vijf woningen

1904:

beeldbepalende verbouwing

Op de plaats van het refugiehuis van de falcontinnen

11.

Godshuis van de bontwerkers

Wolstraat 37

(Bontwerkersplaats)33

1426

1664-1665:

verbouwing van vijf woningen

1777: openbare verkoop

1851: afbraak kapel

Tabel van de elf bewaarde kleine godshuizen, chronologisch per type.

  • 32 De heropbouw van godshuis Almaras startte in 1838 en verliep in fasen. Elke vleugel is daardoor in (...)

24Hoewel Antwerpen tijdens de zestiende en de zeventiende eeuw de hoogste toename van godshuizen kende, zijn de meeste van de overgebleven godshuizen gesticht gedurende de vijftiende eeuw. Van de elf resterende kleine godshuizen zijn er echter zeven deels of volledig heropgebouwd in de negentiende eeuw: de godshuizen SintAnna, Almaras, Van Nispen, Sint-Niklaas, Van der Biest, Crauwelenhof en Onze-Lieve-Vrouw [afb. 4].32

[Afb. 4]

[Afb. 4]

Primitief plan met detail van godshuis Sint-Anna na de verbouwingen in 1829. A.J.N. Reuflet (landmeter), Antwerpen, sectie C, wijk 3, achttiende blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3923.

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 33 De huizen aan de oneven kant van de Falconrui kregen in 2015 een nieuwe nummering: Falconrui 51 voo (...)

25De verspreidingskaart toont de geografische situering van de kleine godshuizen die bewaard bleven [afb. 5]. Tijdens het ancien régime was de stad verdeeld in wijken of secties. De elf liefdadigheidsinstellingen bevonden zich in vier verschillende wijken.33

[Afb. 5]

[Afb. 5]

Verspreidingskaart met elf kleine godshuizen, geprojecteerd op huidig stratenplan van Antwerpen (nummers uit tabel afb. 3).

© Stad Antwerpen.

Verhuisde stichtingen

26Twee van de elf kleine godshuizen verhuisden in de loop van hun bestaan. Dat gebeurde in beide gevallen omdat de oorspronkelijke eigendom om verschillende redenen werd verkocht. De bewoners vonden opvang in andere, reeds bestaande woningen.

  • 34 Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 4, p. 244; Geudens 1898, p. 30; De Lattin 1940-1955, dl. 5, p. 36; (...)
  • 35 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken tweede reeks (1670-1 (...)
  • 36 Nadien werd deze naam veranderd in ‘Mazengang’ of ‘Maesganck’. Dat leidt tot verwarring, aangezien (...)
  • 37 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645), SR#593, fol. 496r-496v (...)

27Het godshuis Mazengang en Van Nispen in de Korte Ridderstraat betreft twee samengevoegde instellingen. Om duidelijk te maken dat het om twee stichtingen ging, werden de godshuizen gescheiden door een tussenmuur met deur, hoewel ze op dat moment één bouwkundig geheel vormden. De beide godshuizen kenden nadien een eigen evolutie, zowel op het vlak van bouwgeschiedenis als wat de interne werking betreft. Daarom wordt er in deze studie ook naar de twee godshuizen apart verwezen. Deze bijzondere ontstaansgeschiedenis verdient enige duiding. Het godshuis Mazengang is vernoemd naar de plaats waar het zich oorspronkelijk bevond, namelijk in de Jan Maesgang. Die gang was gesitueerd in de Keizerstraat, tussen de nummers 67 en 69.34 Het godshuis bleef hier bestaan tot 1779, toen het werd overgebracht naar de Korte Ridderstraat, in de gang waar het vandaag nog bestaat.35 Het godshuis Van Nispen werd gesticht op 29 november 1625 door Balthazar van Nispen voor twaalf oude mannen, die dagelijks zakgeld kregen en gratis onderdak. De stichter was een van de rijkste burgers van Antwerpen en had nauwe contacten met de familie Rubens. Hij overleed kort na de stichting, in het begin van het jaar 1626. Na zijn dood kochten de testamentuitvoerders, Peter Paul Rubens en Arnold Lunden, de gronden van Jan van der Ast voor het op te richten godshuis. Ze verwierven het huis De Witte Zwaan en de zeventien achterliggende huisjes. Die huisjes waren toegankelijk via een steegje dat Zwanengang heette – alle woningen waren vernoemd naar vogelsoorten.36 De testamentuitvoerders stelden zich borg voor de rechten van de stichting. Rubens stierf in 1640, waarna het godshuis uiteindelijk enkel in het beheer kwam van de familie Van Nispen. In 1643 bracht de neef van Balthazar, Maximiliaan van Nispen, het godshuis onder het beheer van de Armenkamer. Toen het godshuis Mazengang in 1779 naar de Korte Ridderstraat verhuisde, gebruikte men vier huizen die deel uitmaakten van het godshuis Van Nispen. Vandaag staan er in deze gang slechts drie huisjes. Na de heropbouw van het godshuis Van Nispen in 1844 bood het plaats voor achttien vrouwen [afb. 6].37

[Afb. 6]

[Afb. 6]

Binnenplaats van het godshuis Van Nispen, grasveld met houten hekwerk voor het bleken van textiel. Onbekend, Godshuizen: godshuis Van Nispen, Antwerpen, 1914, afdruk op papier, 14,1 x 9,3 cm (Antwerpen, FelixarchiefStadsarchief Antwerpen, inv. PB#2138).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 38 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1 (...)
  • 39 De Zoete-Naam-Jezuskapel, gebouwd door Peter Tac in 1494, schonk haar naam aan de straat die voordi (...)
  • 40 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, (...)
  • 41 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2264, fol. 537r-53 (...)
  • 42 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1635-1653), 4823, fol. 2v-3r; Antwer (...)
  • 43 Goovaerts en Schepens 1981, p. 126.
  • 44 De naam ‘De Vijf Ringen’ wordt in de literatuur en de beschermingsdossiers gebruikt voor de huisjes (...)
  • 45 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, (...)
  • 46 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1 (...)
  • 47 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1766-1783), 4831, fol. 139r.
  • 48 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#4263.
  • 49 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1880#85: Sint-Jacobstraat 15-17 (1880).
  • 50 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#7665: Sint-Jacobstraat 11 (1937).

28Een ander godshuis dat verhuisde, is dat van de kerkfabriek van Sint-Jacobs in de Sint-Jacobstraat. In 1496 stichtte Andries de Pape een godshuis voor negen arme vrouwen aan de westzijde van de Jezusstraat.38 Dat godshuis heeft meerdere weldoeners gekend. In 1506 schonk Paulus van Liere een rente en in 1513 gaf Willem van Liere een cijns voor het godshuis bij de Jezuskapel.39 In 1604 deed het kerkbestuur van SintJacobs die negen huisjes van de hand. Vier van de negen huisjes werden verkocht aan het klooster van de victorinnen, ook wel de ‘nonnen van Sint-Margrietendaal’ genoemd. In ruil voor de vijf overblijvende huisjes gaven de victorinnen vijf andere, die ook in de Jezusstraat stonden. De stichting verhuisde een eerste maal, namelijk naar de overkant van dezelfde straat. De vrouwen die in de vier verkochte huisjes woonden, moesten daar blijven tot hun overlijden of tot wanneer er een plaats vrijkwam in de nieuw verkregen huisjes van de Sint-Jacobskerk.40 In de wijkboeken duikt rond 1614 voor het eerst de naam van godshuis ‘De Vijf Ringen’ en van de ‘Vijfringengang’ op, gelegen aan de oostzijde van de Jezusstraat.41 Op die locatie is het godshuis ook terug te vinden op de kaart van 1610 (zie afb. 1). In 1639 moest de Sint-Jacobskerk voor de bouw van een nieuw koor wegens geldnood opnieuw een aantal van zijn bezittingen van de hand doen. Het godshuis in de Jezusstraat werd verkocht aan de victorinnen. De bewoonsters van het godshuis verhuisden naar de huisjes onder de toren van de Sint-Jacobskerk.42 De stichting verhuisde dus een tweede maal, maar de naam ‘De Vijf Ringen’ bleef verbonden met de gelijknamige gang in de Jezusstraat.43 Dat is ook de reden dat het archief van de Sint-Jacobskerk nooit spreekt over het Vijfringengodshuis voor de huisjes in de SintJacobstraat. De kerkmeesters gebruikten de term ‘heiliggeesthuisjes’ of de ‘armhuisjes onder de toren’.44 In 1647 diende het kerkbestuur bij de stad een verzoekschrift in om de houten daken van de huisjes te mogen herstellen.45 In haar testament, opgesteld in 1703, schonk Margareta de Meurs een jaarlijkse geldsom aan de vijf vrouwen in de Sint-Jacobstraat.46 De kaart van Jacobus Harrewijn uit 1711 toont de oorspronkelijke huisjes en de poort met toegang tot het grote zuiderkerkhof van Sint-Jacobs [afb. 7]. Uit een kerkrekening van 1769 blijkt dat de oude huisjes en het portaal onder de toren van Sint-Jacobs werden afgebroken en herbouwd. De woningen in de Sint-Jacobstraat gaven op dat moment nog steeds onderdak aan vijf arme vrouwen.47 In de achttiende eeuw werden echter zes huisjes tegen de kerk aangebouwd en geen vijf. Het gevelplan van ca. 1796-1798 geeft zes huisnummers op. De huisjes bestonden uit twee traveeën met in de ene travee een deur en in de andere een venster. De dakkapel situeerde zich telkens ter hoogte van de deuren van twee belendende huizen, zoals vandaag nog bij huisje 5-7 te zien is.48 De vervanging van een deur door een vensterraam bij huisnummer 13 is te situeren voor 1880 [afb. 8]. In dat jaar werd een bouwaanvraag ingediend voor een verandering aan het schrijnwerk.49 Een bouwdossier uit 1937 betreft het vervangen van een deur door een venster bij huisnummer 11.50 Deze ingrepen zijn nog zichtbaar bij de huisjes. De recentere vensters hebben namelijk dezelfde breedte als de deuren.

[Afb. 7]

[Afb. 7]

Oorspronkelijke huisjes en poort onder de toren van de Sint-Jacobskerk (b). Het Vijfringengodshuis bevond zich nog in de Jezusstraat (a). Jacobus Harrewijn (graveur), Plan van de stad Antwerpen en de Citadel (detail), 1711, kopergravure op papier, 39 x 53,8 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. PK.OP.19748).

© CC0 1.0: Publiek domein.

[Afb. 8]

[Afb. 8]

Primitief plan met detail van de heiliggeesthuisjes in de Sint-Jacobstraat. M.J.N. Vreven (landmeter), Antwerpen, sectie B, wijk 2, zestiende blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3904).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 51 Het primitief plan kreeg die naam aangezien dat het eerste kadasterplan was. Mutatieschetsen geven (...)

29In de volgende paragrafen komen de kenmerken van de kleine godshuizen aan bod. Oude iconografische bronnen zoals kaarten en plannen van de stad Antwerpen geven een indicatie van de ligging van de godshuizen, maar vertellen weinig over hoe ze eruitzagen. In de negentiende eeuw is er meer betrouwbare iconografie voorhanden. Kadastrale gegevens op het ‘primitief plan’ van 1823-1824 en de mutatieschetsen geven een kijk op de plattegronden van de godshuizen.51 Voor sommige bestaan er bouwdossiers met opstanden en grondplannen. Toch is het vooral het ruim beschikbare fotomateriaal uit de twintigste eeuw dat het mogelijk maakt om gemeenschappelijke elementen vast te stellen.

Kenmerken en bouwkundige evoluties

  • 52 Eberstadt 1919, p. 63.

30Kleine godshuizen zijn typologisch in te delen volgens hun bestemming en functie. De bouwtrant is puur utilitair en louter gericht op de meest elementaire voorzieningen. De kenmerkende onderdelen – seriële eenkamerwoningen, een kapel, een pomp, een bleekhof, een washuis en een gang of een poort – waren ingericht volgens de noden van de gemeenschap.52 De godshuizen waren in de eerste plaats een ruimtelijke vertaling van die basisbehoeften. Ook andere factoren bepaalden het aanzicht en de inplanting: de beschikbare ruimte in het stadsweefsel, de verkrijgbare middelen voor de bouw, de periode van de (her)opbouw en het aantal bewoners. Daardoor verschilden alle godshuizen van elkaar. Niettemin kunnen voor deze typologische groep enkele bouwkundige evoluties verondersteld worden.

  • 53 Rutger Tijs deelde deze hypothese tijdens een gesprek in het kader van mijn masterverhandeling in 2 (...)

31Architect Rutger Tijs, gespecialiseerd in onroerend erfgoed, formuleerde de hypothese dat godshuiscomplexen in hun vroegste fase waarschijnlijk houten constructies waren en dat gedeeltelijk gebleven zijn tot het einde van de achttiende eeuw. De kapellen zouden daarentegen meteen in steen opgetrokken zijn en in de heersende bouwtrant.53

  • 54 Daelman 2009, p. 70.

32Onderzoek heeft uitgewezen dat het versteningsproces reeds in de zestiende eeuw begon. Het verbod op houtbouw kwam er in Antwerpen op 26 november 1546. Op die manier trachtte het stadsbestuur brandgevaar te voorkomen.54 Na deze verordening werd stilaan overgegaan van hout op steen.

  • 55 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2274, fol. 357r-37 (...)
  • 56 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1976, p. XXXIV; Daelman 2009, p. 70.

33Waar later het godshuis Van Nispen werd gesticht, stonden oorspronkelijk zeventien houten huisjes.55 De familie Van der Ast, die op dat moment eigenaar was van de Zwanengang, ging een lening aan bij de SintMichielsabdij om de verbouwingen te bekostigen. Ze betaalde daarvoor jaarlijks de symbolische rente van één kip en één ei.56 Die verbouwing, in traditionele bak- en zandsteenstijl, bepaalde het uitzicht van het godshuis Mazengang en Van Nispen, waarvan enkel het deel van godshuis Mazengang overblijft. Het is niet onwaarschijnlijk dat het godshuis Van Nispen er, vóór de heropbouw in de negentiende eeuw, vergelijkbaar heeft uitgezien.

  • 57 De Cock et al. 2019, p. 17-18.

34Dankzij een interdisciplinaire studie onder leiding van Astrud De Cock over het Sint-Annagodshuis in de Korte Nieuwstraat is bekend dat het godshuis al in de zeventiende eeuw grote verbouwingswerken onderging. In 1618-1620 werden vier oude huisjes vervangen en drie nieuwe bijgebouwd. Die woningen waren opgetrokken uit baksteen.57

  • 58 M.V., Dringende instandhoudingswerken beëindigd. De Bontwerkersplaats schittert als nooit tevoren, (...)

35Bij restauratiewerken in 1987 aan de huisjes op de Bontwerkersplaats kwam er bij het afkappen van de gevels een gedenksteen tevoorschijn. Het opschrift maakt melding van een vernieuwing aan vijf huizen in 1664-1665.58 De hardstenen gedenkplaat, nog steeds in situ, wijst erop dat hier tijdens de zeventiende eeuw woningen in steen werden gebouwd.

  • 59 Dit schilderij is het laatste in een reeks van vijf. Het tweede uit de reeks is gesigneerd ‘Alexand (...)

36Een aan Alexander II Casteels toegeschreven schilderij, vermoedelijk te dateren tussen 1710 en 1733, biedt een gezicht op het noorden van de Paardenmarkt, inclusief het voormalige godshuis Almaras, gesticht in 1477 [afb. 9]. Het is een uitzonderlijk vroeg iconografisch document van het Antwerpse godshuis. Factoren als de ligging van het godshuis binnen het bouwblok, tussen de Nieuwegang en de kerk van de kapucijnen, de lage en brede gevel van het gebouw en de aanwezigheid van het kruisje boven de deur wijzen erop dat dit wel degelijk om het vroegere godshuis gaat. Aan de straatzijde had het godshuis zes vensters en een rondboogdeur. Ook de muurankers, de dakvensters en de schoorstenen zijn weergegeven, onderdelen die erop wijzen dat het gebouw uit steen was opgetrokken [afb. 10].59

[Afb. 9]

[Afb. 9]

Het oorspronkelijke godshuis Almaras vóór de heropbouw in 1838. Alexander II Casteels, De paardenmarkt voor het knechtjeshuis te Antwerpen, s.d., gouache, 19,5 x 45,5 cm (Gent, Universiteitsbibliotheek Gent, inv. BIB.TEK. 4783).

© CC-BY-SA 4.0.

[Afb. 10]

[Afb. 10]

Primitief plan met detail van godshuis Almaras. M.J.N. Vreven (landmeter), Antwerpen, sectie B, wijk 2, zesde blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3894).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 60 Het oorspronkelijke godshuis van Sint-Barbara bestond uit ‘achte cameren oft wooningen de vier daer (...)

37Al die elementen leiden tot de conclusie dat de godshuiscomplexen al vroeger dan de achttiende eeuw deels of volledig in steen opgetrokken waren. Vanaf de tweede helft van de zestiende eeuw werden de houten huisjes stilaan vervangen door stenen woningen, waarvan het Sint-Barbaragodshuis, het Mazenganggodshuis en het godshuis van de bontwerkers de enige bewaarde voorbeelden zijn.60 Deze ontwikkeling vond niet bij alle kleine godshuizen tegelijk plaats, maar verliep eerder geleidelijk.

  • 61 Bertels et al. 2011, p. 40-41; De Cock et al. 2019, p. 19 en 22.

38In de negentiende eeuw werden een groot aantal godshuizen vervangen door nieuwe complexen. Die moesten voldoen aan de groeiende noden, zoals individuele sanitaire voorzieningen en een grotere opvangcapaciteit. Het Franse bewind, met zijn verfraaiings plannen voor de publieke infrastructuur in Antwerpen, bracht niet alleen nieuwe inzichten met betrekking tot de volksgezondheid, maar had ook een effect op de vervanging van de godshuizen. De heropbouw en de restauraties zijn uitgevoerd volgens de toen gangbare opvattingen, wat resulteerde in de huidige verschijningsvorm. Tijdens deze periode werden de gevels onder invloed van het neoclassicisme massaal gewit. De typische witte muren en zwarte plint vonden toepassing bij de godshuizen vanaf het einde van de achttiende eeuw en zeker in de negentiende eeuw.61

  • 62 Bijloos 2009, p. 92-93; de verdeling van de zolderruimten met tussenschotten gebeurde bij het Sint- (...)

39Kenmerkend voor die negentiende-eeuwse aanpassingen is de afschaffing van de eenkamerwoning. De nieuwe gebouwen bestonden uit één of twee vleugels onderverdeeld in aparte kamers, met traphal, zolder en kelder voor gemeenschappelijk gebruik. In de jaren 1920 werd dat gemeenschappelijk gebruik van de zolder en de kelder opnieuw afgestemd op de individuele gebruiker. Houten tussenschotten, mét huisnummers als eigendomsaanduiding, zorgden voor een private indeling, waarbij de ontwikkeling van het godshuis Almaras als voorbeeld kan aangehaald worden.62

Herkenbaarheid en toegankelijkheid

40De kleine godshuizen waren besloten entiteiten in het stadsweefsel. Ze hadden slechts één toegang en waren doorgaans met de straat verbonden door een gang met toegangspoort. Een onderscheid kan gemaakt worden tussen de godshuizen die vanaf de straat herkenbaar waren en de godshuizen die in een bouwblok verborgen lagen.

41De duidelijk herkenbare godshuizen Lantschot en Almaras hebben een opschrift boven de toegangspoort. Het Lantschotgodshuis valt bovendien op door zijn barokke monumentale bak- en zandstenen gevel en middenrisaliet met rijkelijk versierde poortomlijsting. Op zijn manier streefde ook het godshuis Almaras naar een sterke monumentaliteit. De straatgevel bestaat uit een blinde muur met een centrale poort. De muur, de poort en de zijgevels van de twee tegenoverliggende vleugels maken deel uit van de straatgevel in neoclassicistische stijl.

  • 63 FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1904, nr. 108, perceelnr. 225 (...)

42De godshuizen Van der Biest, Onze-Lieve-Vrouw, Sint-Anna en Sint-Niklaas waren vanaf de straat enkel te herkennen aan hun kapel. De bak- en zandstenen kapel van het godshuis Van der Biest valt op door haar laatgotische vensters en speklagen. In de bakstenen langsgevel van de Schoenmakerskapel van het OnzeLieve-Vrouwgodshuis trekken natuurstenen elementen de aandacht: de plint, de geprofileerde omlijsting van de (naar rechts verplaatste) korfboogdeur, de bekroning met spitsboognis en de oculus met Onze-LieveVrouwbeeld. Het leien zadeldak draagt een dakruiter en heeft een getrapt standvenster in de travee waaronder de toegangsdeur oorspronkelijk stond. Bij de kapellen van Sint-Niklaas en Sint-Anna werd voor de straatgevel gekozen voor een parement in witte zandsteen. Tegen de voorgevel van de Sint-Annakapel kwam een barokke poortomlijsting van blauwe hardsteen, met oorspronkelijk een beeld in de bekronende nis. De Sint-Niklaaskapel kreeg zelfs een identificeerbare vormgeving dankzij de gebeeldhouwde fries, waarin bladranken repetitief afwisselen met het motief van de weegschaal, het embleem van het ambacht van de meerseniers. Het godshuis zelf lag achteraan op de Sint-Nicolaasplaats. Vanaf het begin van de twintigste eeuw was die afgesloten met een blinde muur (zie verder) [afb. 11].63 Het Sint-Niklaasgodshuis had een eigen binnenkoer met bleekhof.

[Afb. 11]

[Afb. 11]

Sint-Nicolaasplaats. Gezicht op het Sint-Niklaasgodshuis met muur en toegangspoort. Léon Detaille (fotograaf), 1943, zwart-witnegatief. M001040.

© Brussel, KIK, M001040.

43De godshuizen Sint-Barbara, Mazengang en Van Nispen en het godshuis van de bontwerkers lagen achterin, grotendeels verborgen, al dan niet toegankelijk via een bescheiden poortje [afb. 12].

[Afb. 12]

[Afb. 12]

Primitief plan met detail van het godshuis Sint-Barbara. Gang van de Lange Nieuwstraat naar het godshuis. A.J.N. Reuflet (landmeter), Antwerpen, sectie C, wijk 3, tweede blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3907).

© CC0 1.0: Publiek domein.

44Van de elf godshuizen zijn er twee uitzonderlijke gevallen op het vlak van de herkenbaarheid en de toegankelijkheid: godshuis Crauwelenhof en de heiliggeesthuisjes in de Sint-Jacobstraat.

  • 64 Mertens en Torfs maken melding van een kalkschuur bij de Kalkbrug aan de huidige Sint-Paulusplaats. (...)

45Crauwelenhof bevond zich aanvankelijk in een gang, maar tijdens de jaren 1970 en 1980 waren de omliggende woningen verdwenen. Daardoor was het complex duidelijk zichtbaar vanaf de Sint-Paulusplaats. Later ging het godshuis weer op in een steegje. Net als het godshuis Almaras heeft het een blinde muur tussen straat en binnenplaats. De twee vleugels vormen een hoek. Het parement heeft decoratieve elementen van zwarte baksteen rond de raam- en deuropeningen. Bovendien zou dit godshuis een restant van een voormalige boerderij uit de zeventiende eeuw bevatten. Dat gegeven heeft ertoe bijgedragen dat het in 1985 als geheel werd beschermd. Andere bronnen zeggen dat het gaat om een overblijfsel van het oorspronkelijke godshuis [afb. 13].64

[Afb. 13]

[Afb. 13]

Percelenplan met detail van godshuis Crauwelenhof en de zogenoemde hoeve. D. Avanzo et Compagnie (graveur), F.A. Losson (ontwerper), Meetkundig plan met de percelen van de stad Antwerpen, 1846, lithografie, 73 x 110 cm (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#12523).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 65 Het eerste gebouwtje met huisnummer 15 heeft een lijstgevel en kleine hooggeplaatste raamopeningen (...)

46In tegenstelling tot de andere godshuizen liggen de heiliggeesthuisjes in de Sint-Jacobstraat niet in een gang of achter een afsluitmuur. De huisjes staan aan de straatzijde en tegen het westportaal van de Sint-Jacobskerk. Ondanks hun kleine omvang springen deze woningen dus zeker in het oog. Een poort leidt naar een binnenplaats met woningen 15, 15/1, 15/2 en 15/3, die tegen het middenschip van de kerk waren aangebouwd, grenzend aan het grote zuiderkerkhof. De achttiende-eeuwse huisjes 5 tot 13 bestaan uit bepleisterde en beschilderde lijstgevels van twee traveeën en één bouwlaag onder een doorlopend leien lessenaarsdak met dakkapellen onder driehoekig fronton. De muur aan de binnenplaats heeft een achttiende-eeuwse rondboogpoort in een geblokte hardstenen omlijsting met een sluitsteen, imposten en diamantkopversieringen [afb. 14-15].65 Waarschijnlijk konden de bewoonsters op de nabijgelegen binnenplaatsen naast de SintJacobskerk gebruikmaken van een pomp en sanitair. Daarvan is echter geen vermelding teruggevonden in de archiefbronnen.

[Afb. 14]

[Afb. 14]

Heiliggeesthuisjes onder de toren van de Sint-Jacobskerk. Onbekend, De Vijf Ringen, 1944, zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079162.

[Afb. 15]

[Afb. 15]

Heiliggeesthuisjes onder de toren van de Sint-Jacobskerk. Onbekend, De Vijf Ringen, 1944, zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079163.

Het binnengebied

  • 66 Philippen 1941, p. 6-7.

47De woningen waren gegroepeerd rondom een grasplein, dat dienstdeed als bleekhof, met een houten afsluiting om het wasgoed op te hangen. Het bleekhof was omgeven door een gekasseide weg.66 De godshuizen Van der Biest, Lantschot, Sint-Barbara en Almaras hebben nog steeds een grasveld [afb. 16].

[Afb. 16]

[Afb. 16]

De binnenplaats van het godshuis Lantschot met gezicht op de noordelijke vleugel in 2009.

Werkfoto (Marjolijn Bijloos).

  • 67 De pomp van Sint-Barbara bleef bewaard, maar werd verplaatst naar een ruimte achter de noordelijke (...)
  • 68 De kapel van het Sint-Barbaragodshuis heeft rond 1900 een tijd dienstgedaan als wasplaats: Antwerpe (...)
  • 69 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#93: Verschillende godshuizen [vers (...)

48In het binnengebied stond vaak een pomp die water verschafte aan de gemeenschap. Op de Sint-Nicolaasplaats en de binnenplaatsen van het Sint-Annagodshuis, het godshuis Mazengang en het godshuis van de bontwerkers bleef de pomp bewaard [afb. 17].67 Aan de binnenplaats stond gewoonlijk een pomphuis met wasgelegenheid. In de eenkamerwoningen van het godshuis Van der Biest was de slaapkamer tegelijk keuken en wasplaats. In het begin van de twintigste eeuw beschouwde het stadsbestuur dat niet langer als hygiënisch en het legde de godshuizen op om gebruik te maken van aparte washuizen. Dat onthaalden de bejaarden met tegenzin, want een apart washuis betekende dat men dure brandstof moest aanschaffen washuis. Andere godshuizen offerden een woning op, voor de woning én de wasplaats. De godshuizen Van die dan dienstdeed als wasplaats, zoals bij Sint-Barbara, der Biest en Almaras kregen een nieuw vrijstaand washuis. Andere godshuizen offerden een woning op, die dan dienstdeed als wasplaats, zoals bij Sint-Barbara, Lantschot en Sint-Anna het geval was.68 Het ‘gemak’ bevond zich vaak bij de kapel, al dan niet in een kleine aanbouw. De godshuizen Sint-Barbara en Van der Biest getuigden hiervan [afb. 18]. Later werden de nieuwe wasplaatsen uitgerust met toiletten en nog later verhuisde het sanitair naar het woongedeelte.69

[Afb. 17]

[Afb. 17]

Godshuis van de bontwerkers. Bontwerkersplaats met pomp in het midden. Onbekend, Bontwerkersplaats, 1944, zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079174.

[Afb. 18]

[Afb. 18]

Godshuis Sint-Barbara, en toiletten in aanbouw, met lessenaarsdak. Onbekend, Godshuis Sint-Barbara, 1944, zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079215.

  • 70 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1849#344 en 1849#358: Sint-Jacobstraat 15-17 (1849); M.V., Dringend (...)

49De meeste godshuizen hadden een paar huisjes met een kelder en een afvalput. De kelders waren uitgerust met een tongewelf, zoals nog te zien is bij Sint-Barbara, Sint-Anna, Mazengang, Almaras, Sint-Niklaas, de huizen aan de Bontwerkersplaats en de heiliggeesthuisjes 11-13 in de Sint-Jacobstraat.70

  • 71 Asaert 2010, p. 122.
  • 72 Steenmeijer 1988, p. 75.

50Eenkamerwoningen waren gericht op individueel wonen en bedoeld voor alleenstaanden. De godshuizen hadden naast een pomp- of washuis en een binnenplaats doorgaans geen andere gemeenschappelijke ruimten, zoals een eetruimte of ziekenzaal, behalve een kleine kapel.71 Godshuis Lantschot beschikte wel over gemeenschappelijke lokalen links van de ingang aan de straatzijde.72

51Een schilderij uit 1910 van Edouard Tyck geeft een pittoreske voorstelling van het binnengebied van het Sint-Barbaragodshuis [afb. 19]. De gang van de straat naar de binnenplaats, het bleekhof met houten afsluiting, de gekasseide weg, de pomp, de eenvoudige woningen en een heiligenbeeldje tegen de gevel worden erop afgebeeld.

[Afb. 19]

[Afb. 19]

Gezicht op de noordelijke huisjes, de gang en de pomp van godshuis Sint-Barbara. Edouard Tyck, De binnenhof van het Sint-Barbaragodshuis, 1910, olieverf op doek, 134,5 x 185,5 cm (Antwerpen, collectie Stad Antwerpen, MAS, inv. AV.1978.002.1-2).

© AV.1978.002.1-2, Collectie Stad Antwerpen – MAS, foto: Bart Huysmans.

De godshuiskapel

  • 73 Philippen 1941, p. 7.

52Kleine godshuizen hadden vaak een eigen kapel.73 Die kon eenvoudig zijn, maar een aantal godshuizen had een rijkere bidplaats. Wanneer de godshuiskapel aan de straatkant gelegen was, werd er soms geopteerd voor een duurdere zandstenen gevel aan de straatzijde en een goedkoper bak- en zandstenen parement aan de godshuiszijde. Godshuiskapellen waren eenvoudige eenbeukige zaalkerkjes met een driezijdig of recht afgesloten koor. De gebruikelijke oriëntatie van het koor was oostelijk. Zes van de elf bewaarde kleine godshuizen hebben een eigen kapel.

  • 74 De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 9-10.

53De meest sierlijke van de godshuiskapellen is wel de Sint-Niklaaskapel, in 1429 opgetrokken in Brabantse gotiek, met een hoog leien zadeldak met een hexagonale dakruiter en naaldspits.74 Aan de straatkant straalt ze de rijkdom van het ambacht uit: de vier traveeën lange zandstenen gevel is geordonneerd door gelede steunberen, en onder de daklijst vertoont ze een in reliëf gebeeldhouwde fries die naar het ambacht verwijst. De noordelijke gevel aan de godshuiszijde heeft een andere vormgeving: hier is met bak- en zandsteenlagen gewerkt.

  • 75 De korfboogpoort dateert van 1862: Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1862#435: Falconrui 33 (1862).

54Ook de kapel van Sint-Anna heeft een zandstenen parement aan de straatkant. Het koor is uitzonderlijk naar het zuiden gericht. De ingang bevindt zich in het noorden aan de Korte Nieuwstraat. De kapel van het godshuis Van der Biest is gebouwd in een hoog- tot laatgotische bak- en zandsteenstijl en de toegang tot het binnenplein heeft een korfboogpoort met hardstenen omlijsting.75

  • 76 Maclot 1998, p. 113-114; Bijloos 2009, p. 102.

55De meest bescheiden en tevens kleinste nog bewaarde bidplaats is die van het Sint-Barbaragodshuis. De eenbeukige kapel heeft een rechthoekig grondplan en een onregelmatig driezijdig koorgedeelte. Ze is opgetrokken in een traditionele bak- en zandsteenstijl. De kapel heeft een sobere inrichting: een houten zoldering, witgeschilderde wanden en een vloer van rode gebakken tegels. Er staat een altaar en het koor is afgescheiden door een communiebank. Rechts van het koor, op een console, staat het beeld van de patroonheilige Barbara.76

  • 77 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3891; Antwerpen, AAOE, Bescherm (...)

56Het godshuis van Cornelis Lantschot is het enige van de elf liefdadigheidsinstellingen dat dateert uit de zeventiende eeuw en dat in de negentiende eeuw niet herbouwd is. De gevel is opgetrokken uit bak- en zandsteen in een regionale barokstijl en uitzonderlijk is de kapel hier volledig geïntegreerd in het bouwvolume aan de straatkant [afb. 20].77

[Afb. 20]

[Afb. 20]

Plattegrond van godshuis Lantschot met geïntegreerde kapel aan de straatkant. Situatie eind jaren 1960 - begin jaren 1970. L. De Barsée et al., Oude kerkjes en kapellen, in Antwerpen die scone, 3, 1970, pl. 3, s.p.

  • 78 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3881; Antwerpen, FA-SA, Bouwdos (...)
  • 79 Dit plan is te dateren rond 1915, aangezien het gelijkenis vertoont met een plan voor de bouw van h (...)

57Hoewel de meeste kleine godshuizen een bidplaats hadden, is die soms niet bewaard. Zo had het godshuis Almaras aanvankelijk wel degelijk een kapel, zoals de kaart van Virgilius Bononiensis uit 1565 en van Jacobus Harrewijn uit 1711 aantonen [afb. 21]. De kapel van het godshuis van de bontwerkers werd gesloopt in 1851.78 Een ongedateerd plan van godshuis Van Nispen toont aan dat ook dat beschikte over een bidplaats. De kapel werd omgebouwd tot wasplaats. De pomp, die eerst aan de doorgang naar het godshuis Mazengang stond, kreeg een nieuwe plaats in het washuis. Het is zeer waarschijnlijk dat de bewoners van godshuis Mazengang gebruik konden maken van de kapel en later van de wasplaats [afb. 22].79 Verder onderzoek moet uitwijzen of het Crauwelenhof oorspronkelijk een kapel had. Het spreekt voor zich dat de heiliggeesthuisjes van de Sint-Jacobskerk geen nood hadden aan een afzonderlijke bidplaats.

[Afb. 21]

[Afb. 21]

Kapel van godshuis Almaras aan de Paardenmarkt. Virgilius Bononiensis (tekenaar), Gillis Coppens van Diest (drukker), Plan van Antwerpen (detail), 1565, houtsnede, 141,5 x 275 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. MPM.V.VI.01.002).

© CC0 1.0: Publiek domein.

[Afb. 22]

[Afb. 22]

Verbouwing van de kapel van godshuis Van Nispen tot wasplaats. Jo Bloet (?) (werkopzichter), s.n. [Plan van godshuis Van Nispen in de Korte Ridderstraat], s.d. [ca. 1915] (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 2760#172).

© CC0 1.0: Publiek domein.

De twintigste-eeuwse aanpassingen

  • 80 Blondé et al. 2011, p. 298-299.
  • 81 Antwerpen, FA-SA, Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1852-1869), 641#46 (...)

58Tussen 1850 en 1914 verdrievoudigde de Antwerpse bevolking en er braken steeds vaker epidemieën uit. Om die reden achtte het stadsbestuur een grootscheepse sanering nodig. Het vreesde dat de maatschappelijke ontwikkelingen een voedingsbodem zouden worden voor misdaad, ontucht en politieke onrust. Politie kreeg de taak om toezicht te houden op de openbare reinheid, zedelijkheid en hygiëne.80 Op 18 oktober 1851 werd het artikel 7 uit het reglement van de politie met betrekking tot de openbare gezondheid uitgevaardigd. Het artikel luidde dat eigenaars alle gangen, binnenplaatsen en doodlopende straten moesten kalken of witten tijdens de lente. De muren van de huizen moesten zowel binnen als buiten vóór het kalken afgeschrobd worden. Het uniforme aanzicht van de godshuizen met witte muren en zwarte plint was opgelegd door het stadsbestuur vanwege hygiënische redenen. De politie stond in voor de handhaving van dit besluit [afb. 23].81

[Afb. 23]

[Afb. 23]

Gewitte gevels met zwarte plint. Wasplaats met oostelijke vleugel van godshuis Van der Biest. Onbekend, Godshuis Van Der Biest, s.d., zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079114.

  • 82 Bertels et al. 2011, p. 52-53.
  • 83 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#93: Verschillende godshuizen [dive (...)

59Aan het begin van de twintigste eeuw kende Antwerpen een golf van stedenbouwkundige vernieuwing, met initiatieven voor sociale huisvesting en de bouw van publieke voorzieningen. De nieuwe stedelijke infrastructuur kwam er onder impuls van meerdere factoren: herwaardering voor het historische patrimonium, de nood aan huisvesting na de Eerste Wereldoorlog en de keuze voor Antwerpen als thuisstad voor de Olympische Spelen in 1920 en voor de Wereldtentoonstelling in 1930.82 In die periode werden de godshuizen door de Administratie van Burgerlijke Godshuizen onderworpen aan studies betreffende brandbeveiliging, verlichting en hygiëne. Alle godshuizen ondergingen ingrepen ten voordele van het wooncomfort en de basishygiëne, zoals de installatie van gaslantaarns, wasplaatsen en luchtbuizen, de herbestrating en de aanleg van waterleidingen en goten.83

  • 84 Tijdens de restauratiecampagne van 1958-1968, onder leiding van architect Fritz Van Averbeke, werd (...)

60Het artikel 7 van het politiereglement bleef nog decennia van kracht. Archiefbronnen geven aan dat het witten van muren in onbruik was tegen het einde van de jaren 1950. Uit een brief van 1963 blijkt dat de Commissie van Openbare Onderstand het witten van gevels wilde afschaffen op voorwaarde dat de kalklagen werden afgekapt. Ongetwijfeld was de jaarlijkse praktijk van het witten voor de COO een kostelijke uitgave en een omslachtige procedure. De commissie stelde het afkappen van de gevelafwerking als voorwaarde, op basis van een esthetische overweging.84

  • 85 P.S., Tip voor liefhebbers van beiaardmuziek. Sint-Annakoertje is stemmige luisterplek, in Gazet va (...)

61Vanaf de jaren 1960 ondergingen deze complexen steeds meer aanpassingen. Het oorspronkelijke karakter ging er geleidelijk door teniet. Gevels werden van hun afwerkingslaag ontdaan, bleekhoven waren nu grasperken of geplaveide binnenplaatsen, ramen werden vervangen, kleine aanbouwen verwijderd. De toenmalige huurder van het Sint-Annagodshuis verwijderde de gevelafwerking in 1971-1972 en ook in het interieur van de Sint-Annakapel verdween de kalklaag.85 Het is niet duidelijk of particulieren op de hoogte waren van de maatregel van de COO, of dat ze de historische afwerkingslagen verwijderden vanwege een ongefundeerde drang naar authenticiteit.

Laïcisering en herbestemming: kritische evaluatie

62Tijdens het Franse bewind werden de godshuiskapellen gesloten voor de eredienst, met uitzondering van de kapel van Onze-Lieve-Vrouw-van-Toevlucht. Daar mochten katholieke doopsels en huwelijken blijven plaatsvinden. In de loop van de eerste helft van de negentiende eeuw heropenden de bidplaatsen wel, maar al in het laatste kwart van de eeuw sloten de meeste voorgoed. Daarna kregen de voormalige kapellen vaak een eigen invulling en uiteenlopende herbestemmingen, los van de woningen. De huisjes van de godshuizen behielden wel vaak hun functie. Vanaf de jaren 1970 waren ze nog maar zelden bewoond door bejaarden. Op het gebruik van de kapel na bleven de godshuizen dus bestaan, waardoor een vorm van laïcisering optrad van het type met kapel, zoals in het geval van het Sint-Annagodshuis, het godshuis Mazengang en Van Nispen, het godshuis Van der Biest en het godshuis Almaras.

63Hierna volgt een overzicht van de bestemmingen van de kleine godshuizen. Het valt op dat niet van elk godshuis een even rijke (gedocumenteerde) herbestemmingsgeschiedenis bekend is.

Onze-Lieve-Vrouw

64Na de afschaffing en de verkoop van het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis in de Schrijnwerkersstraat en de bijbehorende kapel aan de Schoenmarkt in 1887 werden zes huisjes verbouwd. De nieuwe eigenaar deed een aanvraag voor de constructie van een tweede bouwlaag. Ondanks de weigering van het stadsbestuur werden deze werken toch uitgevoerd. De bouwnaad is nog zichtbaar in het metselwerk. Het voormalige godshuis bestond oorspronkelijk uit zes gekoppelde huisjes parallel met de Schrijnwerkersstraat en twee haaks geplaatste huisjes ten zuiden van het complex [afb. 24].

[Afb. 24]

[Afb. 24]

Percelenplan met detail van het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis. Twee huisjes zijn samengevoegd. D. Avanzo et Compagnie (graveur), F.A. Losson (ontwerper), Meetkundig plan met de percelen van de stad Antwerpen, 1846, lithografie, 73 x 110 cm (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#12523).

© CC0 1.0: Publiek domein.

  • 86 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3920; Antwerpen, FA-SA, Bouwdos (...)

65Aanvankelijk was het godshuis te bereiken via een gang in de kapel. Nadien was het toegankelijk dankzij een gang in de Schrijnwerkersstraat. Het godshuis bleef zeker tot 1976 bewoond. Bij de verkoop in 1887 is de kapel opnieuw opengesteld voor de eredienst.86

  • 87 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#66098: Schrijnwerkersstraat 14-18 (1985) en 86#880299: Schrijnwe (...)

66In 1985 werden de historische gebouwen ‘gerenoveerd’ en geïncorporeerd in horecazaak Désiré de Lille. Bij verbouwingen in 1988 verdween de gang van de Schrijnwerkersstraat naar het godshuis. De panden zijn nu enkel nog toegankelijk via de tearoom. In het zuidelijke gedeelte kwam een dienstruimte waarvoor venster- en deuropeningen werden gemaakt. Het grotere pand kreeg sanitair en op de verdieping kwamen in beide vleugels tentoonstellingsruimten.87 De expozalen verdwenen en kregen een invulling als zitgelegenheid, maar een respectvolle herbestemming bleef uit. Elke relatie met de historische functie van het complex verdween [afb. 25].

[Afb. 25]

[Afb. 25]

Het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis met gezicht op de achterzijde van de Schoenmakerskapel. Toegankelijk via Schrijnwerkersstraat 14-18. Situatie in 2009.

Werkfoto (Marjolijn Bijloos).

67In 2019 nam sterrenchef Roger van Damme de horecazaak over. Vanwege de COVID-19-pandemie is de opening van het eethuis uitgesteld en voorlopig wordt de zaak nog steeds uitgebaat zonder wijzigingen aan infrastructuur en concept.88 Niet alleen de pandemie zorgde voor vertraging. Op 20 maart 2020 en nogmaals op 10 september 2021 weigerde het stadsbestuur de omgevingsvergunning. De aanvraag, ingediend door Philip Mortelmans van het architectenbureau M2 Architecten, vermeldt de sloop van achterbouwen, de verbouwing van een restaurant in een bestaand handelspand en de nieuwbouw van een achterbouw. Het architectenbureau wil een bar onderbrengen in de zuidelijke vleugel, waarbij een buitenmuur moet sneuvelen aan de zijde van de nieuw te construeren verbruikszaal. Volgens de aanvraag komt er in de lange vleugel van het voormalige godshuis nieuw sanitair op de gelijkvloerse verdieping, een voorbereidingskeuken op de etage en nieuw brandwerend buitenschrijnwerk. De binnenplaats krijgt een betegeld terras. Voor de brandveiligheid is een vluchtweg tussen het godshuis en de Schoenmakerskapel in het plan opgenomen. Daarbij zou een deuropening worden gemaakt in een buitenmuur van het beschermde godshuis. De beoordeling van de dienst Monumentenzorg luidde dat het nieuwe gebouw in het binnengebied enerzijds door de inplanting en anderzijds door het volume een storende toevoeging is voor het aanwezige erfgoed. Het Agentschap Onroerend Erfgoed legde strenge voorwaarden op wat betreft de afwerking van de gevels, de detaillering van het schrijnwerk, de opbouw van daken en dakranden, de interieurafwerking en de omgang met resterende historische elementen. Uiteindelijk gaf ook het Agentschap een ongunstig advies.89

Sint-Anna

  • 90 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1976, p. 184.
  • 91 P.S., Tip voor liefhebbers van beiaardmuziek. Sint-Annakoertje is stemmige luisterplek, in Gazet va (...)

68Pas in 1963 verdween de laatste bewoner van het Sint-Annagodshuis in de Korte Nieuwstraat. Vanaf dan verhuurde de COO het gehele complex.90 De woningen stonden een tijdje leeg totdat ondernemer Johan De Wolf zich hier kwam vestigen in 1969. In jaren 1970 en 1980 hebben er studenten gewoond en was er in de westelijke vleugel van het godshuis een privéclub ondergebracht.91

  • 92 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0005, besluit 1020: Godshuis Sint-Anna: binnenplaatsgevels (...)
  • 93 Goovaerts en Schepens 1981, p. 98; Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 86#941874: Korte Nieuwstraat 20 (...)

69Nadien kwam hier een restaurant. De gevels en de daken van het Sint-Annagodshuis kregen in 1976 bescherming.92De kapel van het Sint-Annagodshuis heeft meer bestemmingen gekend: ze heeft een tijdje dienstgedaan voor de catechismusles van de onderpastoor van de Onze-Lieve-Vrouwekerk, in de negentiende eeuw was ze achtereenvolgens de werkplaats van beeldhouwer Frans Joris, dan het boekenmagazijn van de stadsbibliotheek en vervolgens de opslagplaats van een melkboer [afb. 26]. Begin jaren 1970 opende Johan De Wolf een zaak van lampenkappen in de kapel. Tot de jaren 1980 organiseerden diverse initiatiefnemers er tentoonstellingen en concerten. Nadien was er een tearoom gevestigd, die in 1994 zijn deuren sloot.93

[Afb. 26]

[Afb. 26]

Voorgevel van de Sint-Annakapel en de ‘Zuivelwinkel’ ernaast. Toegang naar het Sint-Annagodshuis via de Korte Nieuwstraat. Onbekend, s.n., 1944, zwart-witnegatief.

© Brussel, KIK, B079149.

  • 94 De Cock et al. 2019, p. 23.

70De binnenplaats van het Sint-Annagodshuis had in 2014 met haar restaurant, woongelegenheid en huisartsenpraktijk een versplinterd karakter. Voor de inrichting van het restaurant in de westelijke vleugel werden enkel tussenmuren verwijderd, de moerbalken met sleutelstukken en consoles bleven behouden, het schrijnwerk en de houten vloer waren nog in goede staat. De invulling gebeurde met respect voor het historische pand. De keuken bevond zich op de zolder, maar de dakconstructie bleef bewaard. In de kapel was eveneens een restaurant ondergebracht. Bij deze herbestemming bleef de kapelruimte herkenbaar en de bouwkundige ingrepen, zoals de toevoeging van een verdieping, waren omkeerbaar. De kapel en het aanpalende huis stonden na 2014 een tijdje leeg. Sinds 2019 wordt er de ontbijt- en lunchzaak Maurice uitgebaat.94

  • 95 De Cock et al. 2019, p. 32 en 49-56.
  • 96 Informatie over de datering van de uitbreiding is verkregen dankzij mondelinge navraag in de winkel (...)

71De opeenvolgende bestemmingen hebben evenwel hun sporen nagelaten, ingrepen die geleid hebben tot een verregaand karakterverlies van het godshuis. In de bouwhistorische studie onder leiding van Astrud De Cock over het Sint-Annagodshuis werd het voorstel gedaan om de site te herbestemmen tot een instelling voor personen met een verstandelijke beperking. Dat voorstel respecteerde de historische functie en de architectonische elementen van het godshuis.95 Aan dat pleidooi werd geen gehoor gegeven. Het hoofdkantoor van winkelketen Dille & Kamille België, sinds 1979 gevestigd in de Vleminckstraat en grenzend aan het voormalige Sint-Annagodshuis, breidde in juni 2020 de winkel uit naar het noorden. De herbestrating van de binnenkoer en de herbestemming van de westelijke vleugel tot winkelruimte kregen een gunstig advies van het Agentschap Onroerend Erfgoed, op voorwaarde dat het bestaande buitenschrijnwerk behouden bleef. Door het plaatsen van een corridor, na de afbraak van een opslagruimte, verdween het zuidelijke gebouwtje dat deel uitmaakte van het godshuis.96 Het westelijke gedeelte van het godshuis, nochtans met de oudste elementen, onderging opnieuw een omvangrijke ingreep. Deze uitbreiding nam een stuk van een (deels) beschermd pand in beslag, waardoor de eenheid van het voormalige godshuis verloren ging. Het binnenplein is in gebruik als terras van het koffiehuis ondergebracht in de Sint-Annakapel.

Sint-Niklaas: kapel, godshuis en Sint-Nicolaasplaats

  • 97 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [bestemming van d (...)

72De Sint-Niklaaskapel aan de Lange Nieuwstraat sloot in 1876 als bidplaats. In 1879 was ze voor een periode van negen jaar verhuurd als tapijtenmagazijn en werd een zolderverdieping toegevoegd. De zolder diende voor het schilderen van de landkaarten ter decoratie van het nieuwe Beursgebouw in de Borzestraat. De verdieping was bedoeld als tijdelijke constructie, maar ze bleef bestaan na de onthulling van de landkaarten in de Beurs op 12 augustus 1881. Kort daarna kwamen twee afgevaardigden van de Koninklijke Commissie van Monumenten de kapel inspecteren. Zij oordeelden dat de huurder aanzienlijke schade aan het interieur had aangebracht en eisten een beëindiging van het huurcontract. Desondanks tekenden de kinderen van de tapijtenhandelaar in 1889 een nieuw contract voor negen jaar.97

  • 98 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [restauratiewerke (...)
  • 99 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 245.

73Rond de vorige eeuwwisseling waren er plannen om een restauratie uit te voeren en de kapel in te richten als archief – het toenmalige Staatsarchief (vandaag Rijksarchief). De sacristie, die in 1861 tegen de apsis van de kapel was aangebouwd, zou bij die werken afgebroken worden. Architect Alexis Van Mechelen was belast met het ontwerp, maar in 1902 sprongen de plannen af en werd overwogen het huurcontract opnieuw te verlengen. Hiertegen protesteerden de Koninklijke Commissie voor Monumenten en het provinciebestuur. De kapel bleef minstens tot 1903 een tapijtenmagazijn. In 1913 werd de bidplaats geklasseerd ‘dans la deuxième classe des monuments artistiques’. De restauratie, toegekend aan architect Frank Blockx, werd uitgesteld wegens de Eerste Wereldoorlog en ging pas van start in de jaren 1920.98 In de jaren 1930 huurde de Kunstenvereniging AKOS de kapel en aan het begin van de Tweede Wereldoorlog was ze een korte tijd in gebruik als opvangcentrum voor vluchtelingen.99

74In 1949 nam de Koninklijke Poppenschouwburg Van Campen er zijn intrek. Het gehele complex van de Sint-Nicolaasplaats onderging in de periode 1958 tot 1968 een ingrijpende renovatie en restauratie onder leiding van architect Fritz Van Averbeke. Daarbij werd de kapel vrijgemaakt en de aangebouwde sacristie verwijderd. Het dichtgemetselde glasraam dat vrijkwam bij de afbraak van de sacristie werd hersteld volgens het oorspronkelijke ontwerp.100 In 1971 volgden dringende herstellingswerken aan de naaldspits van de kapel. De technische dienst van de COO deed de uitvoering. Poppenschouwburg Van Campen koos er op een bepaald moment voor om de theaterzaal te voorzien van een vals plafond. Daardoor bleven de gewelven aan het gezicht onttrokken, tot het gezelschap in 2016 de deuren sloot. Dat jaar startten nieuwe werken aan de kapel. Het architectenbureau Karuur Architecten en architect Rozemarijn Bormans stonden in voor de restauratie aan dak, klok, torenspits en zolderruimte. Tijdens die restauratie vond men een brief uit 1971, die verstopt zat in de dakruiter. De brief gaf een uitgebreid verslag over de toen uitgevoerde ingrepen. Sinds 2018 wacht de Sint-Niklaaskapel op een nieuwe bestemming.101

  • 102 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3905; Antwerpen, FA-SA, CBG, Pa (...)

75Hoewel het Sint-Niklaasgodshuis grotendeels in 1849 werd heropgebouwd, onderging het volgens een mutatieschets al in 1904 ingrijpende aanpassingen: twee kleine structuren werden gesloopt, het noordelijke volume kreeg een uitbreiding en een meer symmetrische gevel, en de tweede vleugel sneuvelde voor de bouw van een nieuwe wasplaats. Die ingrepen waren bepalend voor het huidige aanzicht [afb. 27]. De blinde muur die het complex afsloot van de Sint-Nicolaasplaats is niet weergegeven op de schets, maar hij is wel te dateren kort na deze wijzigingen. De muur verdween in de jaren 1970.102

[Afb. 27]

[Afb. 27]

Mutatieschets van het Sint-Niklaasgodshuis, bestaande uit twee vleugels. Op de plaats van de oostelijke vleugel kwam een washuis met toiletten (FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1904, nr. 108, perceelnr. 2253a-d).

© CC0 1.0: Publiek domein.

76Om er het dienstencentrum De Meersenier in onder te kunnen brengen, moest het godshuis opnieuw grote aanpassingen ondergaan. De nood aan hedendaags comfort, zoals de toevoeging van een lift en sanitair, woog bij de renovatie zwaarder door dan het aspect behoud en restauratie. De oorspronkelijke indeling van de woningen ging volledig verloren. Een nieuw volume werd tegen het voormalige godshuis geplaatst en doet nu dienst als refter voor de bejaarden. Wat rest, zijn de gevel, die van zijn afwerking ontdaan is, de kelders, de dakconstructie en enkele muurankers.

  • 103 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: SintNiklaas [grondplan van kap (...)
  • 104 Onder leiding van architect Fritz Van Averbeke werden de interieurs volledig vernieuwd en de woning (...)

77De huizen rond de Sint-Nicolaasplaats hebben al verschillende functies vervuld. Op een plan van architect Frank Blockx uit 1925 staan de huizen ten westen van het plein aangegeven als magazijnen en werkhuizen van schrijnwerkers.103 Later kwam er een geluidstudio, een weefatelier, een vergaderzaal en de zetel van de Koninklijke Maatschappij der Bouwmeesters van Antwerpen. Na de restauratiecampagne van 1958-1968 kregen de gebouwen een invulling als wassalon, kapperszaak, kantoren en polyvalente ruimten.104 Vervolgens vestigden er zich verscheidene theatergezelschappen en horeca. De Sint-Nicolaasplaats was in 2021 een bouwwerf, de huizen rond de binnenplaats kregen nieuwe daken.

Almaras

  • 105 2019_VB_00223, Bestek GAC_2019_00816 (P09045), godshuis Almaras: dakrestauratie – bestek en procedu (...)
  • 106 Origin Architecture & Engineering 2019, p. 6 en 15.
  • 107 Beschut Wonen Antwerpen richt zich op volwassenen met een psychische kwetsbaarheid voor wie zelfsta (...)

78Tot het begin van de eenentwintigste eeuw was het godshuis Almaras aan de Paardenmarkt nog bewoond door bejaarden. Die beschikten over één toilet per verdieping en over slechts één gemeenschappelijke badkamer. Het godshuis Almaras onderging in augustus 2020 een restauratie van het dak en de gevels. Wateroverlast had de houten dakconstructie en de zoldervloer aangetast. De gevels kregen een behandeling tegen vochtinfiltratie.105 Origin Architecture & Engineering voerde de restauratie uit. Documenten van het Agentschap Onroerend Erfgoed vermelden geen houten tussenschotten met huisnummers.106 Het godshuis is eigendom van OCMW Antwerpen en is ter beschikking gesteld aan de welzijnsvereniging Beschut Wonen Antwerpen. Er wonen acht personen.107

Sint-Barbara

  • 108 Maclot 1998, p. 111 en 115; Bijloos 2009, p. 119.

79Het Sint-Barbaragodshuis in de Lange Nieuwstraat was tot voor de aankoop door het Instituut Dames van het Christelijk Onderwijs in 1951 nog bewoond door arme bejaarden. Ook enkele zusters van het instituut hebben er nog gewoond. In de periode 19581960 werden een aantal tussenmuren verwijderd en dienden de ruimtes als naaikamer en kantoren.108

  • 109 Maclot 1998, p. 115.
  • 110 Bijloos 2009, p. 100-105.

80In 1965 verzorgde Jef Folders, huisarchitect van de Dames, de bouw van nieuwe laboratoriumlokalen aan de Lange Nieuwstraat. Daardoor werd de gang naar het godshuis van de straat afgesneden [afb. 28]. Om toegang te hebben tot het godshuis zijn toen vanuit de school deuropeningen bijgemaakt. In diezelfde periode zijn ook twee tussenmuren gesloopt in de oostelijke huisjes.109 In 2008 werd nog slechts een deur van een huisje gebruikt als toegang tot de binnenplaats. De huisjes deden dienst als ruimten voor opslag en voor het onderhoudspersoneel. De Dames behielden voor de kleine kapel de functie van bidplaats.110

[Afb. 28]

[Afb. 28]

Plattegrond van het Sint-Barbaragodshuis met kapel. De gang werd afgesneden door de nieuwe gebouwen aan de Lange Nieuwstraat. L. De Barsée et al., Oude kerkjes en kapellen, in Antwerpen die scone, 3, 1970, pl. 2, s.p.

  • 111 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0178, besluit 1347: Sint-Barbaragodshuis: godshuis, refter (...)
  • 112 Het CHE-rapport werd uitgevoerd door Anne Gorlé en Rutger Steenmeijer, aangevuld met de studie van (...)

81In 2018 is dit gebouwencomplex van de Dames samen met het Sint-Barbaragodshuis verkocht. Projectontwikkelaar Van Wellen Group stond in voor de verbouwing van de gehele site tot appartementen, assistentiewoningen, woonzorgcentrum en ondergrondse parkeergarage. Het Sint-Barbaragodshuis werd in 2021 te koop aangeboden via makelaar Quares als een privéwoning met vier slaapkamers. Het adres ligt aan de Meir 109, destijds de ingang van de school aan de winkelstraat.111 De dienst Monumentenzorg en het Agentschap Onroerend Erfgoed stelden vast dat de ontwerpplannen voor de herbestemming en de inrichting waren opgesteld met respect voor de artistieke en historische waarden. Ze meenden dat er een evenwicht was tussen het herstel van de waardevolle elementen en het inbrengen van hedendaagse delen. De veranderingen deden volgens hen geen afbreuk aan de beschermde monumenten. De aanvraag kreeg een gunstige beoordeling op voorwaarde dat aanpassingen aan historische structuren ter goedkeuring zouden worden voorgelegd aan de dienst Monumentenzorg. Bij de herbestemming van het godshuis tot één privéwoning heeft men wel degelijk afstand genomen van de oorspronkelijke functie, die huisvesting inhield van een kleine gemeenschap.112

Heiliggeesthuisjes Sint-Jacobs

  • 113 Van Calster 1992, p. 7; De Staey 2007, p. 23.

82De heiliggeesthuisjes in de Sint-Jacobstraat boden nog tot het einde van de achttiende eeuw opvang aan behoeftige oudere vrouwen. Na de verkoop in 1798 door de Armenkamer behielden de huisjes hun woonfunctie. De eenkamerwoningen waren gedurende de negentiende en het begin van de twintigste eeuw overbevolkt.113

  • 114 Arnauts 2007, p. 6; De Staey 2007, p. 24, 27 en 49-50.
  • 115 2013_CBS_09505, Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure – 20133875 – district An (...)

83In 1987 kregen huizen 3, 5, 7, 11, 13 en de poort een bescherming als monument. Het huis met nummer 3 is bij de bescherming beschouwd als onderdeel van het godshuis, hoewel het duidelijk een andere bouwstijl en ontwikkelingsgeschiedenis kent. Els Arnauts en Inge De Staey noteren dat de huisjes 3 en 5-7 samengevoegd waren. Een foto uit 1944 toont dat de huisnummers 3 en 5-7 een doorlopende gevelafwerking hadden, wat erop wijst dat ze toen reeds samen hoorden [zie afb. 14]. In 2006 en zeker tot 2009 stond 3-5-7 leeg, wat heeft geleid tot de verdere degradatie van het gebouw.114 In 2009 waren de huisjes 11-13 bewoond en in een goede toestand. De woningen werden in 2013 verbouwd en kregen een invulling als gastenkamers: Guesthouse Bernardin. Het Agentschap Onroerend Erfgoed legde volgende voorwaarden op: een restauratieve gevelbehandeling van de kerkmuur, een conserveringsvoorstel voor de muurschildering op de buitenwand van de kerk en een passende traditionele binnenafwerking.115

Van der Biest

  • 116 P.S., Een stapje van restauratie naar archeologie. Godshuis gaf geheim prijs, in Gazet van Antwerpe (...)
  • 117 Daelman 2009, p. 79; Daelman 2014, p. 22; De vzw Arte Falco werd in 2018 opgeheven.
  • 118 Bijloos 2009, p. 125.
  • 119 https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/4923 (geraadpleegd op 18 april 2022).

84Het godshuis Van der Biest aan de Falconrui was nog bewoond tot 1967. Nadien werd het complex verhuurd aan de schuttersgilde De Gulden Rinck, die het inrichtte met een vergaderzaal, een bar en schietbanen. De Sint-Sebastiaansgilde was verantwoordelijk voor de restauratie van de woningen en de kapel. In de vroegere bidplaats verwijderde ze een plankenvloer, die over de bestaande tegels was gelegd. Dat de houten vloer een overblijfsel zou zijn van de woonfunctie die de kapel op een gegeven moment vervulde, moet bijkomend onderzoek verduidelijken.116 Van 1949 tot 1970 gebruikte glazenier Jos Hendrickx de kapel als atelier. Tussen 1991 en 1993 ondergingen het godshuis Van der Biest en de bidplaats nieuwe restauratiewerken. In de jaren 2008-2009 stonden de huisjes van het godshuis Van der Biest er echter verkommerd bij. Galerie Arte Falco organiseerde tentoonstellingen, workshops en concerten in de kapel.117 In mijn masterverhandeling over de kleine godshuizen in Antwerpen deed ik een dringende oproep om een passende herbestemming te zoeken voor dit kostbare erfgoed, met maximaal behoud van de resterende tussenmuren, de bouwmaterialen en het schrijnwerk. Mijn voorkeur ging uit naar een bestemming in de culturele en zorgsector. Maar de site had ook potentieel als woongebied, zoals andere voormalige godshuizen aantoonden.118 Na een renovatie in 2018 werd de vereniging Beschut Wonen Antwerpen hier gehuisvest. Net als voor het godshuis Almaras was men voor dit stukje erfgoed in staat om een geschikte herbestemming te vinden. 119

  • 120 2019_RMW_00046, Bestek GAC_2018_00593, restauratie godshuis Van der Biest – bestek en procedure – G (...)
  • 121 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#39: Vanderbiest [verbouwing stal] (...)

85Het autonoom gemeentebedrijf voor vastgoed en stadsprojecten in Antwerpen, AG Vespa, is gedelegeerd bouwheer van het huidige restauratieproject voor het godshuis Van der Biest. De werken aan het interieur en het exterieur van het godshuis en de kapel gingen van start in 2020. Het gewezen godshuis zal openstaan voor de buurt en krijgt hierdoor een semiopenbare functie. Een nieuwe gang, uitgevoerd in glas en staal, zal beide vleugels verbinden en het publieke deel scheiden van het deel van de leden en de medewerkers van de vereniging. In een van de huisjes is aan de zijde van het naamloze steegje een nieuw venster gemaakt. De bouwheer wil er een café met bar in onderbrengen.120 Hier bevond zich ooit de stal, met een deur die uitgaf op de eigendom van de Antwerpse Elektrische Maatschappij. De verbouwing van 1913 is nog steeds af te lezen in het metselwerk (zie hoger).121 De keuze om hier een raam te plaatsen is dus niet onverantwoord.

Lantschot

  • 122 Geudens 1898, p. 27.

86In 1824 opende de bidplaats van het godshuis Lantschot aan de Falconrui opnieuw voor de eredienst. Vanaf 1830 kregen de kapel en het godshuis decennialang een artistieke invulling. Er woonden en werkten talrijke kunstenaars. De voormalige bidplaats diende regelmatig als atelier voor beeldhouwers en ontwerpers.122

  • 123 Daelman 2014, p. 18 en 21; Joos 2016, p. 221-222; http://www.lodewijkmortelmans.be/kunst050_nl.html(...)
  • 124 Goovaerts en Schepens 1981, p. 103-104; Van Ruyssevelt en Somers 1998, p. 21 en 25. Het Felixarchie (...)
  • 125 De stichting Cornelis Floris heette voordien Vereniging tot de Bescherming en Behoud van het Cultur (...)
  • 126 2020_VB_00100, OCMW patrimonium, godshuis Cornelis Lantschot, Falconrui 67, 2000 Antwerpen – opmaak (...)

87In 1889 was de vereniging L’Association pour l’art in de Lantschotkapel gevestigd. Omstreeks 1899 verhuurde de Commissie voor Openbare Onderstand de kapel aan ondernemer Frans Franck. Hij gebruikte de leegstaande bidplaats voor de opslag van meubelen en tapijten. In hetzelfde jaar kreeg ze een culturele functie: de literaire, artistieke en filosofische beweging De Kapel werd er opgericht. Die organiseerde hier voordrachten, boekbesprekingen, concerten en tentoonstellingen. Het huurcontract van Frans Franck eindigde in 1923 en nadien was de kapel in gebruik als vergaderruimte.123 Van 1926 tot eind 1928 werd de Lantschotkapel gehuurd door de Vrije Academie. Vanaf 1929 was de kunstenaar Ernest Wijnants er gevestigd. Van 1941 tot 1982 had beeldhouwer Willy Kreitz hier zijn atelier, dat hij vanaf 1969 onderhuurde van historica Catherina Lis.124 Nadien installeerde de vereniging Cornelis Floris zich in de kapel, en samen met het OCMW organiseerde die de restauratiewerken aan het interieur, die in 1987 startten en een jaar later voltooid waren. Architecten Rutger Steenmeijer en Luc Vermoesen waren verantwoordelijk voor de uitvoering [afb. 29]. In 2014-2015 organiseerde de enigmatische Stichting Robus Foundation hier concerten.125 In 2020 werd de opmaak van een beheersplan voor het godshuis toegekend aan tv Bo Architect en Karuur Architecten.126

[Afb. 29]

[Afb. 29]

Interieur van de kapel van godshuis Lantschot in 2009. Het koor heeft een barokke altaarportiek met grijze schaduwschildering (nu verdwenen). Het droeg oorspronkelijk het altaarstuk De apotheose van Lantschot van Theodoor Boeyermans. Dat schilderij wordt bewaard in de collecties van het OCMW.

Werkfoto (Marjolijn Bijloos).

Mazengang en Van Nispen

  • 127 Anoniem, Werkgroep Van Nispen: jong talent in oud godshuis, in Gazet van Antwerpen, 11 mei 1973, p. (...)
  • 128 P.S., Vrije akademie moet uit godshuis, in Gazet van Antwerpen, 7 januari 1986, p. 9; https://inven (...)
  • 129 Goovaerts en Schepens 1981, p. 49; Daelman 2009, p. 79.
  • 130 Anoniem, Gerestaureerde Maesganckgodshuisjes opengesteld, in Gazet van Antwerpen, 4 oktober 1989, p (...)

88Het godshuis Van Nispen in de Korte Ridderstraat bleef tot aan de Tweede Wereldoorlog bewoond door bejaarden. In de jaren 1970 en 1980 gaf het godshuis onderdak aan een kleine kunstacademie.127 In 1986 moesten de kunststudenten het pand verlaten, omdat het OCMW van de gebouwen sociale woningen wilde maken. Het voormalige godshuis werd geïncorporeerd in een nieuw sociaal wooncomplex van cv Huisvesting op initiatief van onderwijsschepen Jos Van Elewyck.128 Die functie vervult het vandaag nog steeds. De huisjes van het godshuis Mazengang kwamen aan het einde van de negentiende eeuw in handen van privé-eigenaars. Tot 1985 was dit een overbevolkt steegje en leefden de bewoners er in erbarmelijke omstandigheden.129 In 1986 kocht antiquair Philippe Group de huisjes van het voormalige godshuis Mazengang en hij restaureerde ze zonder subsidies. Tijdens die restauratie werden de drie huisjes samengevoegd. De eigenaar ontdeed de gevels van de cementlaag uit de jaren 1930. Twee jaar na de aanvang van de restauratiewerken dreigde het stadsbestuur met de afbraak van de huisjes. De cv Huisvesting wilde voor de nieuwe sociale woningen ook de percelen van godshuis Mazengang gebruiken. In 1990 startte alsnog de beschermingsprocedure.130 Sindsdien is het deels bewoond en deels tentoonstellingsruimte [afb. 30].

[Afb. 30]

[Afb. 30]

Het godshuis Mazengang, met scheidingsmuur en toegang tot het godshuis Van Nispen. Katrien Van Acker (fotograaf), s.n., 2022, kleurenfoto.

© Brussel, KIK, X155616.

Crauwelenhof en de bontwerkers

  • 131 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#57633: Crauwelengang (1975-1976).

89Vanaf de jaren 1970 vestigde de vzw Centrum voor Jongens en Meisjes met Individuele Begeleiding zich aan de Sint-Paulusplaats in de Crauwelengang. In 1975 werd het interieur aangepast aan de noden van de nieuwe instelling, maar de bestaande gevels van het godshuis bleven bewaard [afb. 31].131

[Afb. 31]

[Afb. 31]

De Crauwelengang. Een deel van de zogenoemde hoeve, blinde muur met toegang, en een vleugel van het godshuis. Katrien Van Acker (fotograaf), s.n., 2022, kleurenfoto.

© Brussel, KIK, X155607.

  • 132 J.V., De Bontwerkersplaats die niemand weet liggen, in Gazet van Antwerpen, 1 augustus 1973, p. 8.

90In 1973 woonden er in de huisjes van de Bontwerkersplaats nog zes bejaarden.132 De huizen zijn voor zover bekend altijd particuliere woningen geweest. Vroeger waren ze bewoond door armen, nu door kapitaalkrachtige burgers.

  • 133 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0129, besluit 28: Godshuis Van der Biest met kapel [Falcon (...)
  • 134 Bertels et al. 2011, p. 55; Verhelst 2014, p. 168-169.
  • 135 Antwerpen, VAI-CVG, ALDB, dossiers & plannen, BE/653717/0028-LDB/0058; Verhelst 2014, p. 174-178.
  • 136 Antwerpen, OCMWA, Losse stukken, Werken, Godshuizen, DOOS 192 (1): allerlei [nota van COO voor Subc (...)
  • 137 Bertels et al. 2011, p. 55; Verhelst 2014, p. 187-189.

91Alle nog bestaande kleine godshuizen zijn beschermde monumenten. In 1938 werden voor het eerst Antwerpse godshuizen geheel of gedeeltelijk beschermd. Het gaat om het godshuis Van der Biest met kapel, de kapel van het Sint-Annagodshuis en de kapel van het Sint-Niklaasgodshuis.133 Antwerpen voerde eind jaren 1950, begin jaren 1960 grootscheepse stadsrenovatiecampagnes. De strenge saneringspolitiek van de stad hield in dat er heel wat historisch patrimonium onder de sloophamer terechtkwam.134 In die periode deed de COO enkele godshuizen van de hand. Hun functie veranderde en er kwam een einde aan het bestemmings- en bouwbeleid van de voorgaande eeuwen. De Commissie verkocht in 1951 het SintBarbaragodshuis aan de Dames van het Christelijk Onderwijs. In 1969 was er de intentie om het godshuiscomplex af te breken en te transporteren naar het openluchtmuseum in Bokrijk, om het daar op te nemen in een artificiële stedelijke situatie. Lode De Barsée ontwierp de plannen, die echter nooit tot uitvoering kwamen.135 In 1956 overwoog de Commissie ook het godshuis Almaras te verkopen, maar zag daarvan af. In 1960 werden de godshuizen Sint-Franciscus aan de Ossenmarkt en Van Dale aan de Korte Sint-Annastraat verkocht aan eenzelfde eigenaar, die ze sloopte.136 Massale protestbewegingen zetten het stadsbestuur jarenlang onder druk om werk te maken van een lokaal monumentenzorgbeleid. Dat resulteerde in een mentaliteitswijziging vanaf het begin van de jaren 1970. In de jaren 1970-1980 kwam er een nieuwe beschermingsronde, met het monumentenjaar 1975 als katalysator.137 Onderdelen als gevels, daken, pompen, merkwaardige toegangspoorten van de godshuizen werden bestempeld als ‘beschermd monument’. Het Sint-Barbaragodshuis kreeg bijkomende waardering als ‘stads- en dorpsgezicht’. In de jaren 1980 werden opnieuw godshuizen als geheel beschermd. Als laatste kwam daar in 1991 het godshuis Mazengang bij.

  • 138 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0004, besluit 1020: Schoenmakerskapel [Schoenmarkt 8] (197 (...)
  • 139 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 245.

92Deze bescherming van de godshuizen kwam dus pas laat tot stand en over een periode van meer dan vijftig jaar.138 In de jaren 1940 was het overgrote deel van de tweeënveertig godshuizen uit het ancien régime daardoor (deels) afgebroken.139 De restauraties en/of aanpassingen zijn nauwelijks gedocumenteerd en dikwijls door niet-professionelen uitgevoerd, zoals in het geval van de godshuizen Sint-Anna, Van der Biest en Mazengang. Bij de verbouwingen in functie van de diverse herbestemmingen werden soms verregaande compromissen gesloten tussen behoud van historische structuren en de invoeging van elementen voor hedendaagse noden.

93De kleine godshuizen die in de negentiende eeuw heropgebouwd zijn, blijken in verhouding veel beter bewaard. In 2009 bleven bij de godshuizen Crauwelenhof en Almaras de negentiende-eeuwse trappen, kelders en dakconstructies bewaard. De meest voorkomende ingreep is het uitbreken van tussenmuren en de installatie van sanitair.

  • 140 2019_VB_00082, Historische sites in vastgoedportefeuille OCMW Antwerpen, opmaak beheersplannen – Go (...)

94In februari 2019 engageerde OCMW Antwerpen zich om als goede huisvader om te gaan met de monumenten in zijn vastgoedportefeuille door middel van beheersplannen. Een beheersplan legt een visie vast voor een periode van vierentwintig jaar en bevat concrete maatregelen voor de conservatie op lange termijn. Het plan is nodig om onroerenderfgoedsubsidies te verkrijgen. Voor de Sint-Niklaaskapel was in 2019 al een beheersplan in de maak. Het OCMW vroeg bijkomende plannen voor godshuizen Van der Biest, Lantschot, Sint-Anna en voor de Sint-Nicolaasplaats. Het stadsbestuur keurde de opmaak voor alle projecten goed. Een dergelijk initiatief heeft de beperking dat de omstandigheden na verloop van tijd kunnen wijzigen. Er komen nieuwe eigenaars en het politieke klimaat verandert. Bovendien zijn eigenaars niet verplicht om het beheersplan uit te voeren, het biedt enkel een ‘dwingend’ kader.140

95Op 29 maart 2019 kregen deze elf liefdadigheidsinstellingen bijkomende bescherming als ‘vastgesteld bouwkundig erfgoed’. Dat wil zeggen dat ze zijn opgenomen in een vastgestelde inventaris. Dat heeft juridische gevolgen, zoals de zorgplicht, voor de eigenaars en de administratieve overheden.141 Van een werkelijke waardering is hier geen sprake.

Besluit

96Tijdens het ancien régime ontstonden kleine godshuizen die zich toelegden op ouderenzorg. Het waren liefdadigheidsinstellingen die opvang boden aan behoeftige bejaarden. Een godshuis bestond uit eenvoudige huisjes, een bleekhof, een kapel, een pomp en (later) een wasplaats. Het was dikwijls afgezonderd van de straat en toegankelijk via een gang. Er bestonden geen stedelijke bouwverordeningen die bepaalden hoe godshuizen moesten gebouwd worden. Ze beschikten wel steeds over dezelfde voorzieningen. De bouwvorm is sober en in functie van het doelpubliek, opvang van arme mensen.

97Na het verbod van het Antwerpse stadsbestuur op houtbouw in 1546 begon geleidelijk het versteningsproces van de godshuizen. Zeven van de in dit artikel besproken godshuizen werden in de negentiende eeuw deels of volledig heropgebouwd. Alle godshuizen kregen in de twintigste eeuw aanpassingen om aan de nieuwe noden te voldoen. Daarbij sneuvelden steeds als eerste de tussenmuren van de te klein bevonden woningen. Het gaat dan om de godshuizen die niet heropgebouwd waren in de negentiende eeuw. Het sanitair vormde, ook voor de vernieuwde godshuizen, het tweede struikelblok. Gemeenschappelijk gebruik van de ruimten en de drang naar individualiteit wisselden elkaar af. Dat is zichtbaar aan de geregelde herindeling van zolders en kelders. Het gebruik van bleekhoven verdween in de loop van de twintigste eeuw. In de jaren 1970 waren alle bleekveldjes herleid tot grasperken of geplaveide binnenplaatsen.

98De godshuiskapellen waren vanaf het begin opgetrokken in steen. De meeste kapellen werden gebouwd in een hoog- tot laatgotische stijl. De materialen bestonden uit bak- en zandsteen. Wanneer de kapel aan de straatkant gelegen was, opteerde men in sommige gevallen voor een zandstenen gevel. De meeste kapellen kregen een oost-westoriëntering, al was de inplanting afhankelijk van het bestaande stadsweefsel. Vanaf de afschaffing van de erediensten in de godshuiskapellen werd gezocht naar een andere bestemming.

99Ondanks hun wettelijke bescherming zijn de meeste godshuizen nauwelijks behouden gebleven. De bescherming was dikwijls ontoereikend en kwam er pas na ingrijpende aanpassingen. Sommige godshuiscomplexen raakten versnipperd. Verschillende eigenaren en uiteenlopende bestemmingen binnen de complexen hebben ervoor gezorgd dat de ensemblewaarde daalde. De bijkomende bescherming als ‘vastgesteld bouwkundig erfgoed’, bevoegdheid van de Vlaamse overheid, lijkt eerder een degradatie dan een herwaardering. De godshuizen Almaras en Van der Biest kregen wel een geschikte herbestemming. Ook het opstellen van beheersplannen is misschien een hoopvol signaal.

100Deze beknopte status quaestionis geeft niet alleen een overzicht van het nog bewaarde patrimonium aan godshuizen in Antwerpen, hij illustreert tevens de nood aan een herwaardering van dit sociale erfgoed of wat er nog van overblijft.

Ik draag dit artikel op aan mijn vader, Bert Bijloos. We werkten samen aan papers, thesissen en artikels. Die herinnering zal ik blijven koesteren. De opmerkingen en suggesties van mijn moeder, Hilde Cuvelier, waren zeer waardevol en leerrijk. Ik dank Ria De Boodt voor haar steun. Zij verbeterde jaren geleden de eerste aanzet van dit artikel.

Haut de page

Bibliographie

Primaire bronnen

Archief

Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, diverse dossiers Antwerpen, Archief Agentschap Onroerend Erfgoed (AAOE), Beschermingsdossiers

  • A/0129, besluit 28: Godshuis Van der Biest met kapel [Falconrui 33] (1938);

  • A/0358, besluit 28: Sint-Niklaaskapel [Lange Nieuwstraat 3] (1938);

  • A/0670, besluit 28: Sint-Annakapel [Korte Nieuwstraat 22] (1938);

  • A/0004, besluit 1020: Schoenmakerskapel [Schoenmarkt 8] (1976);

  • A/0005, besluit 1020: Godshuis Bontwerkersplaats: voorgevel en daken [Wolstraat 37] (1976);

  • A/0005, besluit 1020: Godshuis Sint-Anna: binnenplaatsgevels en daken [Korte Nieuwstraat 18-22] (1976);

  • A/0178, besluit 1347: Sint-Barbaragodshuis: godshuis, refter en binnenpleintje [Lange Nieuwstraat 94] (1980);

  • A/0004 en A/0024, besluit 1655: Godshuis Onse Vrouwen Convent [Schoenmarkt 8 en Schrijnwerkersstraat 14] (1981);

  • A/0119, besluit 1912: Godshuis Cornelis Lantschot [Falconrui 47] (1983);

  • A/0033 en A/0358, besluit 2120: Sint-Niklaasgodshuis: waterpomp, Mariabeeld en ingangsomlijsting [Lange Nieuwstraat 3-5-7] (1985);

  • A/0358, besluit 2120: Crauwelengang: godshuis [Crauwelengang 1] (1985);

  • A/0033, besluit 2120: Crauwelengang: hoeve [Crauwelengang 1] (1985);

  • A/0029, besluit 2275: Godshuis De Vijf Ringen [Sint-Jacobstraat 3, 5-7, 11, 13, 15] (1987);

  • A/0019, besluit 2335: Godshuis Almaras [Paardenmarkt 89] (1988);

  • A/0342, besluit 2408: Godshuis Maesgang [Korte Ridderstraat 23] (1991).

Antwerpen, OCMWA, Losse stukken, Werken, Godshuizen Antwerpen, OCMW-archief (OCMWA), Losse stukken, Werken, Godshuizen, DOOS 192 (1): allerlei.

Antwerpen, FA-SA, Haardtellingen, Brabant Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Haardtellingen, Brabant, PK#2551: Haardtelling (1436-1526), fol. 100v-101v.

Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2260: Korte Ridderstraat [Zwanengang] (7 september 1626), fol. 237r; PK#2264: Jezusstraat [Vijfringengang] (s.d.), fol. 537r-537v; PK#2274: Korte Ridderstraat [Zwanengang] (s.d.), fol. 357r-374r.

Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken eerste reeks (1614-1669), diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken eerste reeks (1614-1669),

  • PK#2292: Korte Ridderstraat [Zwanengang] (1626), fol. 431r-449r;

  • PK#2296: Sint-Jacobstraat (s.d.), fol. 312r-315r;

  • PK#2298: Wolstraat [Sint-Joosplaats] (s.d.), fol. 252r-267r.

Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken tweede reeks (1670-1797) Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken tweede reeks (1670-1797), PK#2310: Keizerstraat [Mazengang] (1779), fol. 163r-167r.

Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1490-1549), diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1490-1549),

  • SR#103: Bost & Stecke, vol. 1 [Sint-Niklaaskapel] (26 september 1493), fol. 94r-94v;

  • SR#113: Beke, Gobbaert & Lodewijcx [Bontwerkerskapel] (21 augustus 1498), fol. 145r-145v;

  • SR#122: Lodewijcx & Gobbaert [Sint-Jooskapel] (7 februari 1502), fol. 291r-291v;

  • SR#123: Lodewijcx & Gobbaert [SintBarbaragodshuis] (9 mei 1503), fol. 6r-6v.

Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645), diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645),

  • SR#593: vol. 2 [Fondatie Balthazar van Nispen] (18 april 1629), fol. 496r-496v en 499r;

  • SR#600: vol. 4 [Fondatie Balthazar van Nispen] (26 juli 1630), fol. 184r-184v;

  • SR#609: vol. 6 [Vijf Ringengodshuis] (22 oktober 1631), fol. 100r-106r.

Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografischhistorische atlas, diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Verzamelingen, Topografisch-historische atlas,

  • 12#3878: G.J.B. Ceurvorst (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie A, wijk 1, vierde blad [Crauwelengang] (1823-1824);

  • 12#3881: G.J.B. Ceurvorst (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie A, wijk 1, zevende blad [Wolstraat] (1823-1824);

  • 12#3891: M.J.N. Vreven (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie B, wijk 2, derde blad [Falconrui] (1823-1824);

  • 12#3905: M.J.N. Vreven (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie B, wijk 2, zeventiende blad [Lange Nieuwstraat] (1823-1824);

  • 12#3920: A.J.N. Reuflet (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie C, wijk 3, vijftiende blad [Schrijnwerkersstraat] (1823-1824);

  • 12#3926: J.E. Fransen (landmeter), Primitief plan, Antwerpen, sectie D, wijk 4, derde blad [Korte Ridderstraat] (1823-1824); 12#4263: Gevelplan, wijk 2 [Sint-Jacobstraat 1493, 1494, 1496, 1497, 1498, 1499] (ca. 1796-1798).

Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Commissie Burgerlijke Godshuizen (CBG), Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers,

  • 2425#20: Sint-Niklaas (1798-1925);

  • 2425#39: Vanderbiest (1838-1915); 2425#42: Sint-Barbaragodshuis (1832-1922);

  • 2425#93: Verschillende godshuizen (1848-1922).

Antwerpen, FA-SA, CBG, Zorginstellingen Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Commissie Burgerlijke Godshuizen (CBG), Zorginstellingen,

  • 2425#1: Briefwisseling [kopie van het testament van Jan Van der Biest] (1825);

  • 2425#1: Briefwisseling [Aengaende 26 godshuyzen: godshuis Mazengang] (s.d.).

Antwerpen, FA-SA, Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1852-1869) Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1852-1869), 641#466: Openbare gezondheid, witten van gangen en stegen [brief van medische commissie aan college van burgemeester en schepenen] (13 september 1866).

Antwerpen, FA-SA, Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1870-1879) Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1870-1879), 641#471: Openbare gezondheid, witten van gangen en stegen [brief van burgemeester aan politiecommissaris] (3 augustus 1876).

Antwerpen, FA-SA, COO, Werken en herstellingen, Gebouwendossiers, diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Commissie Openbare Onderstand (COO), Werken en herstellingen, Gebouwendossiers,

  • 1447#164: Sint-Franciscus en Van Dale [brief van COO aan Kantoor der Aanbestedingen te Brussel betreffende slopingswerken] (23 maart 1960);

  • 1447#178: Landschot [plaatsing elektrische installatie; wasplaats in woning] (23 oktober 1961);

  • 1447#288: Huurhuizen [restauratie Sint-Niklaasplaats] (1964-1968).

Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, diverse nummers Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Bouwdossiers,

  • 1838#185: Paardenmarkt 87 (1838);

  • 1849#344: Sint-Jacobstraat 15-17 (1849);

  • 1849#358: Sint-Jacobstraat 15-17 (1849);

  • 1851#627: Wolstraat 35-39 (1851);

  • 1862#435: Falconrui 33 (1862);

  • 1880#85: Sint-Jacobstraat 15-17 (1880);

  • 1887#1237: Schoenmarkt 8 (1887);

  • 1913#3557: Falconrui 33 (1913);

  • 18#7665: Sint-Jacobstraat 11 (1937);

  • 18#57633: Crauwelengang (1975-1976);

  • 18#66098: Schrijnwerkersstraat 14-18 (1985);

  • 86#880299: Schrijnwerkersstraat 14-18 (1988);

  • 86#941874: Korte Nieuwstraat 20 (1994-1995).

Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Beeld en geluid, Fotoverzameling losse foto’s Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief (FA-SA), Verzamelingen, Beeld en geluid, Fotoverzameling losse foto’s, PB#2131: Godshuizen: Godshuis Sint-Barbara, Antwerpen 1900 [kapel als wasplaats] (1900).

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802) Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802), 51: Gewone en buiten gewone rubrieken [deel 4] (1731-1802), p. 65-66, 79, 81 en 89.

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1400-1600) Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1400-1600), 52: Afschriften van teksten [met lijst van de kerkmeesters en tafel van akten] (1513), p. 148-152, 218-223.

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1600-1700) Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1600-1700), 53: Afschriften van teksten [met lijst van de kerkmeesters en tafel van akten] (1639), p. 145-146, 361-365.

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, diverse nummers Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen,

  • 458: Overdracht van negen huisjes in de Jezusstraat aan de victorinnen en vijf huisjes aan de kerkfabriek [charter in Nederlands en Latijn] (16 september 1604);

  • 459: Verzoekschrift voor de verkoop van de vijf huisjes aan de victorinnen (9 juni 1639);

  • 460: Verklaring betreffende vorige verkoop en overeenkomst om de bewoners in huisjes nabij de kerk onder te brengen (9 en 15 juni 1639);

  • 461: Verzoekschrift voor de herstelling van de daken van de huisjes in de Sint-Jacobstraat (18 december 1647).

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Fundatie M. de Meurs Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Fundatie M. de Meurs, 1700: Rekenboek van de fundatie van M. en S. de Meurs in de kapel van de Zoete-Naam-Jezus (1728-1794), fol. 28r-28v.

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Godshuis bij de Jezuskapel Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Godshuis bij de Jezuskapel, 2709: Testamentuitvoerder van Andries de Pape, volgens testament van 17 april 1496, droeg een rente over aan de kerkmeesters voor het godshuis in de Meersteeg (16 december 1506).

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1635-1653) Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1635-1653), 4823: Kerkrekening [verkoop van vijf huisjes door de kerkfabriek van Sint-Jacobs] (1639-1640), fol. 2v-3r.

Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1766-1783) Antwerpen, Rijksarchief Antwerpen (RA), Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1766-1783), 4831: Kerkrekening [nieuwe armhuisjes en portaal in de Sint-Jacobstraat] (1769), fol. 139r.

Antwerpen, VAI-CVG, ALDB, Dossiers & plannen Antwerpen, Vlaams Architectuur Instituut – collectie Vlaamse Gemeenschap (VAI-CVG), archief Lode De Barsée (ALDB), Dossiers & plannen, BE/653717/0028-LDB/0058: voorontwerp Oude Stad in Bokrijk met het Sint-Barbaragodshuis (1969).

FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 1, Mutatieschetsen Federale Overheidsdienst Financiën (FODF), Algemene Administratie Patrimoniumdocumentatie – Opmetingen en Waarderingen (AAPD-OW), Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 1, Mutatieschetsen, nr. 4, perceelnr. 907d [Wolstraat 37] (1852).

FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, diverse nummers Federale Overheidsdienst Financiën (FODF), Algemene Administratie Patrimoniumdocumentatie – Opmetingen en Waarderingen (AAPD-OW), Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, nr. 15, perceelnr. 391 [Paardenmarkt 89] (1855); nr. 108, perceelnr. 2253a-d [Sint-Nicolaasplaats] (1904).

Online

2013_CBS_09505, Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure – 20133875 – district Antwerpen – Sint-Jacobstraat 3-15 – Goedkeuring, zitting 27 september 2013.

2017_CBS_07224, Aanvraag stedenbouwkundige vergunning – Reguliere procedure – Stedenbouwkundige last – 20171287 – district

Antwerpen – Lange Nieuwstraat 94-104, Cellebroedersstraat 2-12 – Goedkeuring, zitting 18 augustus 2017.

2019_VB_00082, Historische sites in vastgoedportefeuille OCMW Antwerpen, opmaak beheersplannen – Goedkeuring, zitting 19 februari 2019.

2019_RMW_00046, Bestek GAC_2018_00593, restauratie godshuis Van der Biest – bestek en procedure – Goedkeuring, zitting 29 april 2019.

2019_VB_00223, Bestek GAC_2019_00816 (P09045), godshuis Almaras: dakrestauratie – bestek en procedure – Goedkeuring, zitting 7 juni 2019.

2019_CBS_08201, Omgevingsvergunning – OMV_2019078192. Korte Nieuwstraat 18-20 en Vleminckstraat 7-9. District Antwerpen – Goedkeuring, zitting 11 oktober 2019.

2020_CBS_02303, Omgevingsvergunning – OMV_2019114872. Schrijnwerkersstraat 16. District Antwerpen – Weigering, zitting 20 maart 2020.

2020_VB_00100, OCMW patrimonium, godshuis Cornelis Lantschot, Falconrui 67, 2000 Antwerpen – opmaak beheersplan: aanstelling architect – Gunning en goedkeuring, zitting 24 april 2020.

2021_CBS_07230 – Omgevingsvergunning – OMV_2021042163. Schrijnwerkersstraat 14. District Antwerpen – Weigering, zitting 10 september 2021.

Secundaire bronnen

Arnauts 2007 E. Arnauts, Sint-Jacobstraat 3-5-7 te Antwerpen: bouwtechnische studie, onuitgegeven masterpaper in de Monumenten- en Landschapszorg, Artesis Hogeschool Antwerpen, 2007.

Asaert 1978 G. Asaert, De Late Middeleeuwen (ca. 1200 - ca. 1500), in L. Voet, A. Verhulst, G. Asaert, F. De Nave, H. Soly en J. Van Roey, De stad Antwerpen van de Romeinse tijd tot de zeventiende eeuw. Topografische studie rond het plan van Virgilius Bononiensis 1565 (Historische uitgaven: Pro Civitate, 7), Brussel, 1978, p. 41-57.

Asaert 2010 G. Asaert, Ook dat was Antwerpen. Een geschiedenis van de kleine man. Over armoede en politieke onmacht, Tielt, 2010.

Bertels et al. 2011 I. Bertels, T. Bisschops en B. Blondé, Stadslandschap. Ontwikkelingen en verwikkelingen van een stedelijke ruimte, in I. Bertels, B. De Munck en H. Van Goethem (red.), Antwerpen. Biografie van een stad, Antwerpen, 2011, p. 11-66.

Bijloos 2009 M. Bijloos, Kleine godshuizen tijdens het Ancien Régime in Antwerpen. Een beredeneerde inventaris met een typologische benadering, onuitgegeven masterthesis in de Monumenten- en Landschapszorg, Artesis Hogeschool Antwerpen, 2009.

Blondé et al. 2011 B. Blondé, M. F. Van Dijck en A. Vrints, Een probleemstad? Spanningsvelden tussen burgerlijke waarden en sociale realiteiten, in I. Bertels, B. De Munck en H. Van Goethem (red.), Antwerpen. Biografie van een stad, Antwerpen, 2011, p. 277-307.

Coppens 2022 M. Coppens, De Toog, een verdoken straatje in Antwerpen. Een reis van vijf eeuwen, Gent, 2022.

Daelman 2009 E. Daelman (red.), Open Monumentendag, 13 september 2009. Zorg, Antwerpen, 2009.

Daelman 2014 E. Daelman (red.) met medewerking van J. Van Hoof, A. Cortvriendt, D. Wyns, G. Donckers, F. Martens en V. Van der Meynsbrugghe, Open Monumentendag, 14 september 2014. Erfgoed. Vroeger, nu en in de toekomst, Antwerpen, 2014.

De Braey 1948 J. De Braey (red.), Jubel album KMBA, Koninklijke Maatschappij der Bouwmeesters van Antwerpen, 1848-1948, Antwerpen, 1948.

De Cock et al. 2019 A. De Cock, N. Donderwinkel, S. Leemans, M. Meukens, S. Van Borm, E. Verdin en N. Ziuzina, Interdisciplinair onderzoeksproject Sint-Annagodshuis - Dille & Kamille, onuitgegeven project 1e master Erfgoedstudies, Universiteit Antwerpen, 2019.

De Commer 1993 P. De Commer, Bédelen of bedélen, in D. Verhelst (red.), Arm in Antwerpen. Geschiedenis van de armenzorg en de sociale politiek te Antwerpen, Antwerpen, 1993, p. 9-33.

De Lattin 1940-1955 A. De Lattin, Evoluties van het Antwerpse stadsbeeld. Geschiedkundige kronijken, 9 dln., Antwerpen, 1940-1955.

De Staey 2007 I. De Staey, Sint-Jacobstraat 3-5-7 te Antwerpen: bouwhistorische studie, onuitgegeven masterpaper in de Monumenten- en Landschapszorg, Artesis Hogeschool Antwerpen, 2007.

Dries 1930 M. Dries, De openbare weldadigheid te Antwerpen op het einde van het oude regiem, in Bijdragen tot de geschiedenis, 21, 8, 1930, p. 237-254.

Eberstadt 1919 R. Eberstadt, Die Kleinwohnungen und das städtebauliche System in Brüssel und Antwerpen (Neue Studien über Städtebau und Wohnungswesen, 3), Jena, 1919.

Formesyn en Bruynseraede 1993 M. Formesyn en R. Bruynseraede, De godshuizen van Brugge en hun plaats in de armenzorg (tent.cat., Brugge, Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn, 1 juli-29 augustus 1993), Brugge, 1993.

Geudens 1898 E. Geudens, Le Compte moral de l’an XIII des hospices civils d’Anvers, Antwerpen, 1898.

Goovaerts en Schepens 1981 B. Goovaerts en P. Schepens, Antwerpse steegjes en godshuizen, Antwerpen, 1981.

Joos 2016 E. Joos, Franck. Een uitzonderlijke Antwerpse familie = Franck. An Outstanding Antwerp Family, Antwerpen, 2016.

Liefdadig Antwerpen, 1955 Liefdadig Antwerpen. Repertorium van de instellingen en werken van openbare en private liefdadigheid, verpleging, kinderzorg, bejaardenzorg, sociaal dienstbetoon en sociale voorzorg van de Antwerpse agglomeratie, Antwerpen, 1955.

Lis en Soly 1986 C. Lis en H. Soly, Armoede en kapitalisme in preindustrieel Europa, Antwerpen, 1986.

Maclot 1998 P. Maclot, Bouwevolutie van het monument Lange Nieuwstraat 98 Antwerpen, voormalig Hotel du Bois-de Vroylande, nu schoolcomplex Dames van het Christelijk Onderwijs. Archivalische en ikonografische studie. Restauratie van het interieur Hotel du Bois de Vroylande. Lot 1: bouwhistorisch onderzoek, onuitgegeven rapport, Antwerpen, 1998.

Manderyck 1988 M. Manderyck, Restauratie en herinrichting van de kapel van het godshuis Lantschot te Antwerpen, in Monumenten & landschappen, 7, 3, 1988, p. 34-41.

Mertens en Torfs 1845-1853 F.H. Mertens en K.L. Torfs, Geschiedenis van Antwerpen sedert de stichting der stad tot onze tijden, 7 dln., Antwerpen, 1845-1853.

Origin Architecture & Engineering 2019 Origin Architecture & Engineering, 0620-01 Raamcontract Antwerpen – Paardenmarkt 89. Godshuis Almaras. Restauratie daken nota, onuitgegeven rapport, Antwerpen, 2019.

Pais-Minne 1975 E. Pais-Minne, Weldadigheidsinstellingen en ondersteunden, in Antwerpen in de XVIe eeuw (Genootschap voor Antwerpse Geschiedenis), Antwerpen, 1975, p. 181-202.

Philippen 1941 L.J.M. Philippen, Antwerpsche godshuisjes, Antwerpen, 1941.

Philippen 1944 L.J.M. Philippen, Vijf Antwerpsche miniaturen. Het ‘apostelenhuis’ van kanunnik Le Merchier ca. 17101733, in Tijdschrift voor geschiedenis en folklore, 7, 1, Antwerpen, 1944, p. 9-20.

Querido 1960 A. Querido, Godshuizen en gasthuizen. Een geschiedenis van de ziekenverpleging in West-Europa, Amsterdam, 1960.

Steenmeijer 1988 R. Steenmeijer, De bouw van het godshuis Lantschot, in H. Meersman, R. Steenmeijer, J. Van Damme en E. Van Eecke-De Vries (red.), Jaarboek Cornelis Floris 1987, Antwerpen, 1988, p. 69-81.

Thys 1893 A. Thys, Historiek der straten en openbare plaatsen van Antwerpen, Antwerpen, 1893.

Tijs 1993 R. Tijs, Tot cieraet deser stadt. Bouwtrant en bouwbeleid te Antwerpen van de middeleeuwen tot heden: cultuurhistorische studie over de bouwtrant en de ontwikkeling van het stedebouwkundig beleid te Antwerpen van de 13de eeuw tot de 20ste eeuw, Antwerpen, 1993.

Troupin en Veeckman 2006 G. Troupin en J. Veeckman, Sint-Jacobsstraat 3, 5-7, 11, 13, 15, 15/1-3. De resterende delen van het godshuis ‘de Vijf Ringen’. Voorlopig verslag van een waarneming, Project bouwblokinventarisatie – bouwblok A109, Stad Antwerpen – Stadsontwikkeling, Monumenten- en Welstandszorg, onuitgegeven rapport, Antwerpen, 2006.

Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1976 S. Van Aerschot-Van Haeverbeeck (red.), Stad Antwerpen (Bouwen door de eeuwen heen. Inventaris van het cultuurbezit in België. Architectuur, 3na), Gent, 1976.

Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979 S. Van Aerschot-Van Haeverbeeck (red.), Stad Antwerpen (Bouwen door de eeuwen heen. Inventaris van het cultuurbezit in België. Architectuur, 3nb), Gent, 1979.

Van Calster 1992 M. Van Calster, De materiële verzorging van de bewoners van de Antwerpse godshuizen op het einde van de achttiende eeuw, onuitgegeven licentiaatsverhandeling in de Geschiedenis, Vrije Universiteit Brussel, 1992.

Van Ekert 2020 W.-J. van Ekert, Zorgbedrijf Antwerpen. Overschrijdt de oeverloze ambitie van één man alle grenzen?, in NT Magazine, 33, 2020, p. 6-9.

Van Isacker en Van Uytven 1986 K. Van Isacker en R. Van Uytven (red.), Antwerpen: twaalf eeuwen geschiedenis en cultuur, Antwerpen, 1986.

Van Ruyssevelt en Somers 1998 A. van Ruyssevelt en M. Somers, Willy Kreitz 19031982. Klassiek en modernistisch beeldhouwer, Antwerpen, 1998.

Verbeke 2018 A. Verbeke, ‘Wat bedroeft lot is oudt stijf ende arm te wesen’. Waardigheid in verzoekschriften van verarmde Brusselse ouderen, ca. 1750-1800, in Tijdschrift voor sociale en economische geschiedenis, 15, 4, 2018, p. 63-98.

Vercauteren 2001 G. Vercauteren, Zo ziek, zo oud en zo alleen. De uitbesteding van behoeftige ouderen in en om Antwerpen (1811-1910), in Belgisch tijdschrift voor nieuwste geschiedenis, 21, 2001, p. 1-13.

Vereeck 1993 H. Vereeck, Het godshuis ‘De vijf ringen’ en de gevelhuisjes aan de Sint-Jacobskerk, in Antwerpsche tydinghen. Tijdschrift van de Koninklijke Gidsenbond van Antwerpen, 14, 4, Antwerpen, 1993.

Verhelst 1995 D. Verhelst (red.), Broodnodig: van liefdadigheid tot OCMW, Antwerpen, 1995.

Verhelst 2014 J. Verhelst, Een hart voor de stad: de evolutie van het Antwerpse stadsbeeld door Lode De Barsée (19501980), in HistoriANT. Jaarboek voor Antwerpse geschiedenis, 2, 2014, p. 167-202.

Kranten

P.S., Tip voor liefhebbers van beiaardmuziek. SintAnnakoertje is stemmige luisterplek, in Gazet van Antwerpen, 16 september 1972, p. 8.

Anoniem, Werkgroep Van Nispen: jong talent in oud godshuis, in Gazet van Antwerpen, 11 mei 1973, p. 7.

J.V., De Bontwerkersplaats die niemand weet liggen, in Gazet van Antwerpen, 1 augustus 1973, p. 8.

P.S., Een stapje van restauratie naar archeologie. Godshuis gaf geheim prijs, in Gazet van Antwerpen, 30 augustus 1975, p. 11.

Anoniem, Antwerpse steegjes. Kunst in de kapel, in Gazet van Antwerpen, 21 januari 1981, p. 21.

P.S., Vrije akademie moet uit godshuis, in Gazet van Antwerpen, 7 januari 1986, p. 9.

P.S., Te huur: kapel in goede staat, in Gazet van Antwerpen, 14 maart 1986, p. 23.

M.V., Dringende instandhoudingswerken beëindigd. De Bontwerkersplaats schittert als nooit tevoren, in Gazet van Antwerpen, 10 juli 1987, p. 25.

Anoniem, Gerestaureerde Maesganckgodshuisjes opengesteld, in Gazet van Antwerpen, 4 oktober 1989, p. 25.

A.A., Historische huisjes worden beschermd. Godshuis Maesganck gered, in Het Volk/ DNG, 23 maart 1990, p. 24.

JVB, De Maesganck: geslaagde restauratie in parochie van Miserie, in Gazet van Antwerpen, 7 september 1990, p. 33.

A.A., Gids over de Maesganck, in Het Volk/DNG, 8-9 september 1990, p. 25.

H.W., De Maesganck erkend als beschermd gebouw, in Het Volk/DNG, 22 oktober 1990, p. 11.

KDL, 4 december 2018, https://www.hln.be/showbizz/roger-van-damme-neemt-iconischeantwerpse-zaak-desire-de-lille-over~a0b0d2a7/

Annelin Marien, 6 december 2020, https://www.hln.be/antwerpen/roger-van-damme-opent-pop-up-intoekomstige-desiree-al-een-tipje-van-de-sluieroplichten~a793f61b/

E. Van Wynsberghe, 29 september 2021, https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20210929_95822281

Websites

https://www.vanwellengroup.be/nl/projectdevelopment/projecten/de-dams

https://www.agvespa.be/projecten/godshuis-van-derbiest#over

http://www.lodewijkmortelmans.be/kunst050_nl.html

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten

https://www.onroerenderfgoed.be/juridischegevolgen-van-een-vaststelling

https://www.onroerenderfgoed.be/een-beheersplanlokale-besturen

https://www.onroerenderfgoed.be/juridischegevolgen-van-een-beheersplan

https://loket.onroerenderfgoed.be/archeologie/notas/notas/10071

https://www.bernardin-antwerpen.be/nl/guesthouse-218

https://www.antwerpen.be/info/5b18d0e0b4ce55b1064c3892/brief-uit-1971gevonden-tijdens-de-restauratie-van-de-sintniklaaskapel

Haut de page

Notes

2 Antwerpen, FA-SA, CBG, Zorginstellingen, 2425#1: Briefwisseling [kopie van het testament van Jan Van der Biest] (1825).

3 Querido 1960, p. 8-15; Formesyn en Bruynseraede 1993, p. 6-9.

4 Architect en erfgoedzorger Lode De Barsée zette zich jarenlang in voor een wetenschappelijk onderbouwde monumentenzorg in Antwerpen. Hij kreeg te maken met tegenkanting van het stadsbestuur en onbegrip bij het grote publiek. In 1969 ontstond de voorloper van de stedelijke dienst Monumentenzorg onder leiding van De Barsée: Verhelst 2014, p. 167-174.

5 De inventaris van het cultuurbezit in België onder leiding van Van Aerschot-Van Haeverbeeck is uitgegeven; twee delen zijn opgenomen in de referenties.

6 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 7-8; Lis en Soly 1986, p. 25-31; De Commer 1993, p. 18.

7 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 7-8.

8 Aalmoezenier is in oorsprong een kerkelijke functie, gericht op de zorg van zieken en behoeftigen: Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 7-8.

9 Verbeke 2018, p. 68-69.

10 Auteurs als De Lattin, De Commer, Mertens en Torfs beschouwen de Infirmerie van het Klapdorp uit de dertiende eeuw als het oudste godshuis, maar het had eerder de functie van ziekenhuis voor zieke en bejaarde vrouwen en begijnen: Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 2, p. 220; De Lattin 1940-1955, dl. 1, p. 44-45; De Commer 1993, p. 45. In mijn studie wordt het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis aan de Schoenmarkt uit 1343 als eerste godshuis beschouwd.

11 Verbeke 2018, p. 64-65 en 69.

12 De Commer 1993, p. 22 en 27.

13 Verhelst 1995, p. 4.

14 Dries 1930, p. 238; Pais-Minne 1975, p. 182; De Commer 1993, p. 22.

15 Blondé et al. 2011, p. 288.

16 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 10-11; Blondé et al. 2011, p. 294.

17 Vondelingenhuis en Zinnelooshuis in de Sint-Rochusstraat, Meisjesweeshuis in de Lange Gasthuisstraat, Jongensweeshuis op de Paardenmarkt. Vanaf de negentiende eeuw was er ook het Terninckinstituut in de Terninckstraat.

18 Philippen 1941, p. 5-6; De Commer 1993, p. 44-45.

19 De Commer 1993, p. 23 en 45; Verhelst 1995, p. 7; Verbeke 2018, p. 72.

20 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (14901549), SR#103, fol. 94r-94v; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1490-1549), SR#113, fol. 145r-145v.

21 Mertens en Torfs opperen dat het schoenmakersambacht een godshuis had in de Venusstraat. Een kaart in een publicatie van Scribanus uit 1610 situeert het ‘Ian Schoenmakers Godts huys’ op deze plek; Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 4, p. 243 en dl. 5, p. 428. Een haardtelling van 1526 vermeldt een godshuis van stichter Jan Schoenmaeckers: Antwerpen, FA-SA, Haardtellingen, Brabant, PK#2551, fol. 100v-101v. Voor meer informatie over de godshuizen van Jan Schoenmaeckers en Jan Bollaert, zie Coppens 2022, p. 63 en 75-76. Ambachten met een godshuis hadden ook een armenbus: Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 4, p. 252; Pais-Minne 1975, p. 188; De Commer 1993, p. 22-23 en 45; Asaert 2010, p. 117.

22 Het is zeer waarschijnlijk dat er in Antwerpen veel meer dan die tweeënveertig getelde godshuizen bestonden, aangezien de terminologie niet altijd duidelijk was. Kerkelijke instellingen werden soms verkeerdelijk godshuizen genoemd: Bijloos 2009, p. 10 en 141-142.

23 Asaert 1978, p. 54-55.

24 Verbeke 2018, p. 69.

25 Geudens 1898, p. 161 en 164; De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 185 en dl. 6, p. 65; Philippen 1941, p. 15; Asaert 2010, p. 119.

26 De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 9-13 en dl. 6, p. 69.

27 Potagie was een pap van erwten en bonen: Van Calster 1992, p. 20-21, 33 en 43, 52-54; Verbeke 2018, p. 69.

28 De officiële naam voor de binnenplaats achter de Sint-Niklaaskapel van het SintNiklaasgodshuis in de Lange Nieuwstraat is ‘Sint-Nicolaasplaats’; Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 2, p. 235.

29 De stal van godshuis Van der Biest werd in 1913 verbouwd tot twee woningen voor bejaarden: Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#39: Vanderbiest [verbouwing van stal] (1912-1913); Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1913#3557: Falconrui 33 (1913); Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [eigendomsbetwisting van de Sint-Niklaaskapel en aanliggende huizen] (1828-1829); Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#42: Sint-Barbaragodshuis [huur van een woning door Van Hooydonck] (1910-1913); De Cock et al. 2019, p. 16 en 18.

30 Liefdadig Antwerpen, 1955, p. 10-13; Vercauteren 2001, p. 3-4.

31 Verhelst 1995, p. 15. Sinds 2009 heeft Antwerpen naast het OCMW ook het zelfstandig publiekrechtelijk Zorgbedrijf Antwerpen. Het is niet helemaal duidelijk welke rol dat bedrijf speelt met betrekking tot het beschermde patrimonium. Het Zorgbedrijf heeft het beheer van historische bejaardeninstellingen overgenomen, zoals dienstencentrum De Meersenier aan de Sint-Nicolaasplaats en de instellingen Creutz en OLVAM in de Vinkenstraat, zie Van Ekert 2020, p. 6-9. Daarnaast heeft autonoom gemeentebedrijf voor vastgoed en stadsprojecten AG Vespa ook een aandeel in het Antwerpse patrimonium.

32 De heropbouw van godshuis Almaras startte in 1838 en verliep in fasen. Elke vleugel is daardoor in tweeën op te delen. In 1855 begon de laatste fase van de oostelijke vleugel: Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1838#185: Paardenmarkt 87 (1838); FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, nr. 15, perceelnr. 391.

33 De huizen aan de oneven kant van de Falconrui kregen in 2015 een nieuwe nummering: Falconrui 51 voordien Falconrui 33, Falconrui 67 voordien Falconrui 47. Het Sint-Barbaragodshuis zal toegankelijk zijn via Meir 109. De Bontwerkersplaats werd ook ‘Sint-Joosplaats’ genoemd naar de patroonheilige van het ambacht: Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters, (1490-1549), SR#122, fol. 291r-291v; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken eerste reeks (1614-1669), PK#2298, fol. 252r-267r. Voor data en bijzondere aspecten, zie Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Godshuis bij de Jezuskapel, 2709; Antwerpen, FA-SA, CBG, Zorginstellingen, 2425#1: Briefwisseling [Aengaende 26 godshuyzen: godshuis Mazengang] (s.d.); Geudens 1898, p. VIII-LXVIII, 30, 50-51 en 73; Philippen 1941, p. 16-41; Goovaerts en Schepens 1981, p. 20-128; Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0119, besluit 1912: Godshuis Cornelis Lantschot [Falconrui 47] (1983).

34 Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 4, p. 244; Geudens 1898, p. 30; De Lattin 1940-1955, dl. 5, p. 36; Asaert 2010, p. 129.

35 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken tweede reeks (1670-1797), PK#2310, fol. 163r-167r; Geudens 1898, p. 30; De Lattin 1940-1955, dl. 5, p. 36-37; Philippen 1941, p. 34.

36 Nadien werd deze naam veranderd in ‘Mazengang’ of ‘Maesganck’. Dat leidt tot verwarring, aangezien die naam naar twee locaties verwijst, namelijk de Keizerstraat en de Korte Ridderstraat; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2260, fol. 237r; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken eerste reeks (1614-1669), PK#2292, fol. 431r-449r. In de negentiende eeuw stonden er slechts zestien huisjes: Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3926; Daelman 2009, p. 70-71; Asaert 2010, p. 129.

37 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645), SR#593, fol. 496r-496v en 499r; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645), SR#600, fol. 184r-184v; Geudens 1898, p. CXLV en 25 ; De Lattin 1940-1955, dl. 5, p. 37-38; Philippen 1941, p. 34-35; Daelman 2009, p. 70-71. De gedenksteen in de gevel van het voormalige godshuis Van Nispen vermeldt het jaar 1643.

38 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802), 51, p. 65-66; Goovaerts en Schepens 1981, p. 126.

39 De Zoete-Naam-Jezuskapel, gebouwd door Peter Tac in 1494, schonk haar naam aan de straat die voordien Meirsteeg (ook wel Meersteeg) heette. Ze was toegankelijk via de Lange Nieuwstraat en de westzijde van de Jezusstraat. In 1542 werd ze ingelijfd bij het victorinnenklooster; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Godshuis bij de Jezuskapel, 2709; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802), 51, p. 65-66 en 79; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1400-1600), 52, p. 148-152, 218-223; Thys 1893, p. 288.

40 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, 458.

41 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2264, fol. 537r-537v; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Offi ciële wijkboeken eerste reeks (1614-1669), PK#2296, fol. 312r-315r; Eerste schepenregister dat het Vijfringengodshuis vermeldt: Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1600-1645), SR#609, fol. 100r-106r.

42 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1635-1653), 4823, fol. 2v-3r; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, 459; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, 460; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Variaboek (1600-1700), 53, p. 145-146, 361-365; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802), 51, p. 65-66; Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 2, p. 427; De Staey 2007, p. 14.

43 Goovaerts en Schepens 1981, p. 126.

44 De naam ‘De Vijf Ringen’ wordt in de literatuur en de beschermingsdossiers gebruikt voor de huisjes in de Sint-Jacobstraat.

45 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Documenten betreffende verkopen en kopen van huizen, 461.

46 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkresoluties en rubrieken van kerkmeesters (1677-1802), 51, p. 81 en 89; Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Fundatie M. de Meurs, 1700, fol. 28r-28v.

47 Antwerpen, RA, Archief van de Sint-Jacobskerk, Kerkrekeningen (1766-1783), 4831, fol. 139r.

48 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#4263.

49 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1880#85: Sint-Jacobstraat 15-17 (1880).

50 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#7665: Sint-Jacobstraat 11 (1937).

51 Het primitief plan kreeg die naam aangezien dat het eerste kadasterplan was. Mutatieschetsen geven de toestand van de percelen weer voor en na de wijziging van een perceel.

52 Eberstadt 1919, p. 63.

53 Rutger Tijs deelde deze hypothese tijdens een gesprek in het kader van mijn masterverhandeling in 2009; Tijs 1993, p. 53, 156, 212, 249-250 en 259.

54 Daelman 2009, p. 70.

55 Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Ketgen (voor 1614), PK#2274, fol. 357r-374r; Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Wijkboeken, Officiële wijkboeken eerste reeks (1614-1669), PK#2292, fol. 431r-449r; Daelman 2009, p. 70.

56 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1976, p. XXXIV; Daelman 2009, p. 70.

57 De Cock et al. 2019, p. 17-18.

58 M.V., Dringende instandhoudingswerken beëindigd. De Bontwerkersplaats schittert als nooit tevoren, in Gazet van Antwerpen, 10 juli 1987, p. 25.

59 Dit schilderij is het laatste in een reeks van vijf. Het tweede uit de reeks is gesigneerd ‘Alexander Casteels’. Philippen identificeert de schilder als Alexander II Casteels, zoon van een meester-schilder: Philippen 1944, p. 11; Van Isacker en Van Uytven 1986, p. 235.

60 Het oorspronkelijke godshuis van Sint-Barbara bestond uit ‘achte cameren oft wooningen de vier daer af beneden ende dandere viere daer boven inde Langenyeustrate’: Antwerpen, FA-SA, Archief van de schepenbank, Schepenregisters (1490-1549), SR#123, fol. 6r-6v.

61 Bertels et al. 2011, p. 40-41; De Cock et al. 2019, p. 19 en 22.

62 Bijloos 2009, p. 92-93; de verdeling van de zolderruimten met tussenschotten gebeurde bij het Sint-Barbaragodshuis tijdens de verbouwingen van 1922: Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#42: Sint-Barbaragodshuis [lastenkohier verbouwing] (16 juni 1922).

63 FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1904, nr. 108, perceelnr. 2253a-d.

64 Mertens en Torfs maken melding van een kalkschuur bij de Kalkbrug aan de huidige Sint-Paulusplaats. Het is niet duidelijk of dat de zogenoemde hoeve zou kunnen zijn: Mertens en Torfs 1845-1853, dl. 1, p. 287. Zowel de dienst Monumentenzorg als het Agentschap Onroerend Erfgoed stellen dat er nog geen onderzoek werd gedaan naar deze hoeve (gecontacteerd in maart 2022); Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3878; Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 487; Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0358, besluit 2120: Crauwelengang: godshuis [Crauwelengang 1] (1985); Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0033, besluit 2120: Crauwelengang: hoeve [Crauwelengang 1] (1985).

65 Het eerste gebouwtje met huisnummer 15 heeft een lijstgevel en kleine hooggeplaatste raamopeningen met diefijzers. Het zou gaan om de gevangenis van de aalmoezeniers: Vereeck 1993, p. 151; Troupin en Veeckman 2006, p. 3-4; De Staey 2007, p. 20.

66 Philippen 1941, p. 6-7.

67 De pomp van Sint-Barbara bleef bewaard, maar werd verplaatst naar een ruimte achter de noordelijke vleugel: Bijloos 2009, p. 113.

68 De kapel van het Sint-Barbaragodshuis heeft rond 1900 een tijd dienstgedaan als wasplaats: Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Beeld en geluid, Fotoverzameling losse foto’s, PB#2131; Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#39: Vanderbiest [verslag van opzichter Maurice Mottie aan regent betreffende de bouw van een washuis] (30 oktober 1915); Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#42: Sint-Barbaragodshuis [lastenkohier verbouwing; wasplaats in woning] (16 juni 1922); Antwerpen, FA-SA, COO, Werken en herstellingen, Gebouwendossiers, 1447#178.

69 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#93: Verschillende godshuizen [verslag van opzichter Maurice Mottie aan regent Mössly betreffende verlichting; aanduiding van pomp en toiletten] (27 maart 1913); Bijloos 2009, p. 51, 58 en 60-62.

70 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1849#344 en 1849#358: Sint-Jacobstraat 15-17 (1849); M.V., Dringende instandhoudingswerken beëindigd. De Bontwerkersplaats schittert als nooit tevoren, in Gazet van Antwerpen, 10 juli 1987, p. 25; JVB, De Maesganck: geslaagde restauratie in parochie van Miserie, in Gazet van Antwerpen, 7 september 1990, p. 33; Troupin en Veeckman 2006, p. 4; Bijloos 2009, p. 48, 91103, 124.

71 Asaert 2010, p. 122.

72 Steenmeijer 1988, p. 75.

73 Philippen 1941, p. 7.

74 De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 9-10.

75 De korfboogpoort dateert van 1862: Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1862#435: Falconrui 33 (1862).

76 Maclot 1998, p. 113-114; Bijloos 2009, p. 102.

77 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3891; Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0119, besluit 1912: Godshuis Cornelis Lantschot [Falconrui 47] (1983).

78 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3881; Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1851#627: Wolstraat 35-39 (1851); FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 1, Mutatieschetsen, nr. 4, perceelnr. 907d.

79 Dit plan is te dateren rond 1915, aangezien het gelijkenis vertoont met een plan voor de bouw van het nieuwe washuis van godshuis Almaras. Beide plannen werden door dezelfde werkopzichter gesigneerd: Bijloos 2009, p. 99.

80 Blondé et al. 2011, p. 298-299.

81 Antwerpen, FA-SA, Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1852-1869), 641#466; Antwerpen, FA-SA, Gangen en stegen, Behandelen van muren van doodlopende gangen (1870-1879), 641#471.

82 Bertels et al. 2011, p. 52-53.

83 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#93: Verschillende godshuizen [diverse werken] (1913-1922).

84 Tijdens de restauratiecampagne van 1958-1968, onder leiding van architect Fritz Van Averbeke, werd de gevelafwerking van het Sint-Niklaasgodshuis en de huizen rond de Sint-Nicolaasplaats verwijderd. Dat moest de ‘algemene verfraaiing’ bevorderen: Antwerpen, OCMWA, Losse stukken, Werken, Godshuizen, DOOS 192 (1): allerlei [nota van COO voor Subcommissie voor aankopen en eigendommen: Godshuizen – Sint-Niklaas, Sint-Niklaasplaats 7, Antwerpen, afkappen van de gevels] (22 december 1958); Antwerpen, OCMWA, Losse stukken, Werken, Godshuizen, DOOS 192 (1): allerlei [brief van directeur Van Vliet aan werkleider Verelst over afschaffing wittingswerken] (22 april 1963).

85 P.S., Tip voor liefhebbers van beiaardmuziek. Sint-Annakoertje is stemmige luisterplek, in Gazet van Antwerpen, 16 september 1972, p. 8; De Cock et al. 2019, p. 22.

86 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3920; Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1887#1237: Schoenmarkt 8 (1887); https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/4510 (geraadpleegd op 18 april 2022).

87 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#66098: Schrijnwerkersstraat 14-18 (1985) en 86#880299: Schrijnwerkersstraat 14-18 (1988).

88 KDL, 4 december 2018, https://www.hln.be/showbizz/roger-van-damme-neemt-ico-nische-antwerpse-zaak-desire-de-lille-over~a0b0d2a7/ (geraadpleegd op 4 januari 2022); Annelin Marien, 6 december 2020, https://www.hln.be/antwerpen/rogervan-damme-opent-pop-up-in-toekomstige-desiree-al-een-tipje-van-de-sluier-oplichten~a793f61b/ (geraadpleegd op 4 januari 2022).

89 2020_CBS_02303, Omgevingsvergunning – OMV_2019114872. Schrijnwerkersstraat 16. District Antwerpen – Weigering, zitting 20 maart 2020, p. 12-13, 22-23, 32-33; 2021_CBS_07230 –Omgevingsvergunning – OMV_2021042163. Schrijnwerkersstraat 14. District Antwerpen – Weigering, zitting 10 september 2021, p. 9-12, 29-30; Archeologisch vooronderzoek en ontwerpplannen: https://loket.onroerenderfgoed.be/archeologie/notas/notas/10071.

90 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1976, p. 184.

91 P.S., Tip voor liefhebbers van beiaardmuziek. Sint-Annakoertje is stemmige luisterplek, in Gazet van Antwerpen, 16 september 1972, p. 8; Anoniem, Antwerpse steegjes. Kunst in de kapel, in Gazet van Antwerpen, 21 januari 1981, p. 21; P.S., Te huur: kapel in goede staat, in Gazet van Antwerpen, 14 maart 1986, p. 23.

92 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0005, besluit 1020: Godshuis Sint-Anna: binnenplaatsgevels en daken [Korte Nieuwstraat 18-22] (1976).

93 Goovaerts en Schepens 1981, p. 98; Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 86#941874: Korte Nieuwstraat 20 (1994-1995).

94 De Cock et al. 2019, p. 23.

95 De Cock et al. 2019, p. 32 en 49-56.

96 Informatie over de datering van de uitbreiding is verkregen dankzij mondelinge navraag in de winkel (oktober 2021); 2019_CBS_08201, Omgevingsvergunning – OMV_2019078192. Korte Nieuwstraat 18-20 en Vleminckstraat 7-9. District Antwerpen – Goedkeuring, zitting 11 oktober 2019, p. 16-19.

97 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [bestemming van de gebouwen] (1891, 1898-1900); De Lattin 1940-1955, dl. 2, p. 13.

98 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [restauratiewerken kapel] (1862-1863, 1921), [bestemming van de gebouwen] (1901-1903).

99 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 245.

100 Antwerpen, FA-SA, COO, Werken en herstellingen, Gebouwendossiers, 1447#288; Goovaerts en Schepens 1981, p. 98-101.

101 https://www.antwerpen.be/info/5b18d0e0b4ce55b1064c3892/brief-uit-1971gevonden-tijdens-de-restauratie-van-de-sint-niklaaskapel (geraadpleegd op 2 januari 2022).

102 Antwerpen, FA-SA, Verzamelingen, Topografisch-historische atlas, 12#3905; Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: Sint-Niklaas [bestek voor de heropbouw van vijf woningen] (17 augustus 1849); FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1904, nr. 108, perceelnr. 2253a-d.

103 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#20: SintNiklaas [grondplan van kapel en westelijke huizen door architect Blockx] (17 september 1925).

104 Onder leiding van architect Fritz Van Averbeke werden de interieurs volledig vernieuwd en de woning in het noordwesten van het plein van een barokke poort voorzien: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/5350 (geraadpleegd op 18 april 2022); De Braey 1948, p. 16; Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 245; Daelman 2014, p. 17.

105 2019_VB_00223, Bestek GAC_2019_00816 (P09045), godshuis Almaras: dakrestauratie – bestek en procedure – Goedkeuring, zitting 7 juni 2019, p. 1-3.

106 Origin Architecture & Engineering 2019, p. 6 en 15.

107 Beschut Wonen Antwerpen richt zich op volwassenen met een psychische kwetsbaarheid voor wie zelfstandig wonen (nog) niet mogelijk is.

108 Maclot 1998, p. 111 en 115; Bijloos 2009, p. 119.

109 Maclot 1998, p. 115.

110 Bijloos 2009, p. 100-105.

111 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0178, besluit 1347: Sint-Barbaragodshuis: godshuis, refter en binnenpleintje [Lange Nieuwstraat 94] (1980); https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/5391 (geraadpleegd op 15 maart 2022); E. Van Wynsberghe, 29 september 2021, https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20210929_95822281; https://www.vanwellengroup.be/nl/project-development/projecten/de-dams; (alle geraadpleegd op 4 januari 2022). Over de geschiedenis van het Instituut: L. Heyvaert en D. Jans, Gaudere et bene facere. ‘De Dames’ sinds 1834, Antwerpen, 2021.

112 Het CHE-rapport werd uitgevoerd door Anne Gorlé en Rutger Steenmeijer, aangevuld met de studie van Petra Maclot in opdracht van Aline nv. Louis Van Wellen vertegenwoordigde de vennootschap: 2017_CBS_07224, Aanvraag stedenbouwkundige vergunning – Reguliere procedure – Stedenbouwkundige last – 20171287 – district Antwerpen – Lange Nieuwstraat 94-104, Cellebroedersstraat 2-12 – Goedkeuring, zitting 18 augustus 2017, p. 7, 17-19.

113 Van Calster 1992, p. 7; De Staey 2007, p. 23.

114 Arnauts 2007, p. 6; De Staey 2007, p. 24, 27 en 49-50.

115 2013_CBS_09505, Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure – 20133875 – district Antwerpen – Sint-Jacobstraat 3-15 – Goedkeuring, zitting 27 september 2013, p. 1-7; https://www.bernardin-antwerpen.be/nl/guesthouse-218 (geraadpleegd op 14 maart 2022).

116 P.S., Een stapje van restauratie naar archeologie. Godshuis gaf geheim prijs, in Gazet van Antwerpen, 30 augustus 1975, p. 11; Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 56; Goovaerts en Schepens 1981, p. 101.

117 Daelman 2009, p. 79; Daelman 2014, p. 22; De vzw Arte Falco werd in 2018 opgeheven.

118 Bijloos 2009, p. 125.

119 https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/4923 (geraadpleegd op 18 april 2022).

120 2019_RMW_00046, Bestek GAC_2018_00593, restauratie godshuis Van der Biest – bestek en procedure – Goedkeuring, zitting 29 april 2019, p. 1-3; https://www.agvespa.be/projecten/godshuis-van-der-biest#over (geraadpleegd op 5 januari 2022). Op de website van AG Vespa wordt het adres van het godshuis Van der Biest verwardmet dat van het voormalige godshuis Lantschot.

121 Antwerpen, FA-SA, CBG, Patrimoniumbeheer, Gebouwendossiers, 2425#39: Vanderbiest [verbouwing stal] (1912-1913); Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 1913#3557: Falconrui 33 (1913).

122 Geudens 1898, p. 27.

123 Daelman 2014, p. 18 en 21; Joos 2016, p. 221-222; http://www.lodewijkmortelmans.be/kunst050_nl.html (geraadpleegd op 4 januari 2022).

124 Goovaerts en Schepens 1981, p. 103-104; Van Ruyssevelt en Somers 1998, p. 21 en 25. Het Felixarchief bewaart foto’s uit 1984 die de toestand van de kapel weergeven zoals ze door Willy Kreitz was achtergelaten. De kapel werd ook wel ‘Rosaliakapel’ genoemd.

125 De stichting Cornelis Floris heette voordien Vereniging tot de Bescherming en Behoud van het Cultureel en Historisch Patrimonium in de provincie Antwerpen. Lode De Barsée stond mee aan de wieg van deze vereniging; Steenmeijer 1988, p. 94; Manderyck 1988, p. 34-41, 36-37 en 39; Daelman 2014, p. 18; Verhelst 2014, p. 180-181.

126 2020_VB_00100, OCMW patrimonium, godshuis Cornelis Lantschot, Falconrui 67, 2000 Antwerpen – opmaak beheersplan: aanstelling architect – Gunning en goedkeuring, zitting 24 april 2020, p. 1-3; Bo Architect is het bedrijf van architect Rozemarijn Bormans.

127 Anoniem, Werkgroep Van Nispen: jong talent in oud godshuis, in Gazet van Antwerpen, 11 mei 1973, p. 7.

128 P.S., Vrije akademie moet uit godshuis, in Gazet van Antwerpen, 7 januari 1986, p. 9; https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/5298 (geraadpleegd op 18 april 2022).

129 Goovaerts en Schepens 1981, p. 49; Daelman 2009, p. 79.

130 Anoniem, Gerestaureerde Maesganckgodshuisjes opengesteld, in Gazet van Antwerpen, 4 oktober 1989, p. 25; A.A., Historische huisjes worden beschermd. Godshuis Maesganck gered, in Het Volk/ DNG, 23 maart 1990, p. 24; A.A., Gids over de Maesganck, in Het Volk/DNG, 8-9 september 1990, p. 25; H.W., De Maesganck erkend als beschermd gebouw, in Het Volk/DNG, 22 oktober 1990, p. 11.

131 Antwerpen, FA-SA, Bouwdossiers, 18#57633: Crauwelengang (1975-1976).

132 J.V., De Bontwerkersplaats die niemand weet liggen, in Gazet van Antwerpen, 1 augustus 1973, p. 8.

133 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0129, besluit 28: Godshuis Van der Biest met kapel [Falconrui 33] (1938); A/0358, besluit 28: Sint-Niklaaskapel [Lange Nieuwstraat 3] (1938); A/0670, besluit 28: Sint-Annakapel [Korte Nieuwstraat 22] (1938). De beschermingsdossiers maken geen melding van de ‘klassering’ van de Sint-Niklaaskapel in 1913.

134 Bertels et al. 2011, p. 55; Verhelst 2014, p. 168-169.

135 Antwerpen, VAI-CVG, ALDB, dossiers & plannen, BE/653717/0028-LDB/0058; Verhelst 2014, p. 174-178.

136 Antwerpen, OCMWA, Losse stukken, Werken, Godshuizen, DOOS 192 (1): allerlei [nota van COO voor Subcommissie voor aankopen en eigendommen] (5 november 1956); Antwerpen, FA-SA, COO, Werken en herstellingen, Gebouwendossiers, 1447#164.

137 Bertels et al. 2011, p. 55; Verhelst 2014, p. 187-189.

138 Antwerpen, AAOE, Beschermingsdossiers, A/0004, besluit 1020: Schoenmakerskapel [Schoenmarkt 8] (1976); A/0005, besluit 1020: Godshuis Bontwerkersplaats: voorgevel en daken [Wolstraat 37] (1976); A/0005, besluit 1020: Godshuis Sint-Anna: binnenplaatsgevels en daken [Korte Nieuwstraat 18-22] (1976); A/0178, besluit 1347: SintBarbaragodshuis: godshuis, refter en binnenpleintje [Lange Nieuwstraat 94] (1980); A/0004 en A/0024, besluit 1655: Godshuis Onse Vrouwen Convent [Schoenmarkt 8 en Schrijnwerkersstraat 14] (1981); A/0119, besluit 1912: Godshuis Cornelis Lantschot [Falconrui 47] (1983); A/0033 en A/0358, besluit 2120: Sint-Niklaasgodshuis: waterpomp, Mariabeeld en ingangsomlijsting [Lange Nieuwstraat 3-5-7] (1985); A/0033 en A/0358, besluit 2120: Crauwelengang: godshuis en hoeve [Crauwelengang 1] (1985); A/0029, besluit 2275: Godshuis De Vijf Ringen [Sint-Jacobstraat 3, 5-7, 11, 13, 15] (1987); A/0019, besluit 2335: Godshuis Almaras [Paardenmarkt 89] (1988); A/0342, besluit 2408: Godshuis Maesgang [Korte Ridderstraat 23] (1991).

139 Van Aerschot-Van Haeverbeeck 1979, p. 245.

140 2019_VB_00082, Historische sites in vastgoedportefeuille OCMW Antwerpen, opmaak beheersplannen – Goedkeuring, zitting 19 februari 2019, p. 2, 6-7; https://www.onroerenderfgoed.be/een-beheersplan-lokale-besturen; https://www.onroerenderfgoed.be/juridische-gevolgen-van-een-beheersplan (geraadpleegd op 6 maart 2022).

141 De Cock et al. 2019, p. 33; https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten (geraadpleegd op 4 januari 2022): Godshuis Sint-Anna (ID 4273), Kapel Onze-Lieve-Vrouw Geboorte en godshuis (ID 4510), Godshuis Bontwerkersplaats (ID 4719), Godshuis Van der Biest (ID 4923), Godshuis Cornelis Lantschot (ID 4926), Godshuizen Van Nispen en Mazengang (ID 5298), Sint-Niklaasgodshuis (ID 5350), Godshuis Sint-Barbara (ID 5390), Godshuis Almaras (ID 5683), Godshuis De Vijf Ringen (ID 6156), Crauwelengang (ID 6179); https://www.onroerenderfgoed.be/juridische-gevolgen-van-een-vaststelling (geraadpleegd op 4 januari 2022).

Haut de page

Table des illustrations

Titre [Afb. 1]
Légende Plattegrond van de stad Antwerpen met aanduiding van de kleine godshuizen (nummers uit tabel afb. 3). Onbekend (graveur), Plattegrond van de stad Antwerpen met de citadel en het Vlaamse Hoofd, Antverpia in C. Scribanus (auteur), Origines Antverpiensium. Antverpiae Off. Plant. J. Moretus, p. 54, 1610, kopergravure op papier, 23,4 x 32,2 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. PK.OP.15259).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-1.jpg
Fichier image/jpeg, 511k
Titre [Afb. 2]
Légende Mutatieschets van het godshuis Van der Biest. De stal (166b) werd in 1913 verbouwd tot twee woningen (166q-166p). De toegang naar de binnenplaats (168b) en de kapel (168a) zijn ook afgebeeld (FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1915, nr. 5, perceelnr. 166v).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-2.jpg
Fichier image/jpeg, 113k
Titre [Afb. 4]
Légende Primitief plan met detail van godshuis Sint-Anna na de verbouwingen in 1829. A.J.N. Reuflet (landmeter), Antwerpen, sectie C, wijk 3, achttiende blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3923.
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-3.jpg
Fichier image/jpeg, 177k
Titre [Afb. 5]
Légende Verspreidingskaart met elf kleine godshuizen, geprojecteerd op huidig stratenplan van Antwerpen (nummers uit tabel afb. 3).
Crédits © Stad Antwerpen.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-4.jpg
Fichier image/jpeg, 244k
Titre [Afb. 6]
Légende Binnenplaats van het godshuis Van Nispen, grasveld met houten hekwerk voor het bleken van textiel. Onbekend, Godshuizen: godshuis Van Nispen, Antwerpen, 1914, afdruk op papier, 14,1 x 9,3 cm (Antwerpen, FelixarchiefStadsarchief Antwerpen, inv. PB#2138).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-5.jpg
Fichier image/jpeg, 312k
Titre [Afb. 7]
Légende Oorspronkelijke huisjes en poort onder de toren van de Sint-Jacobskerk (b). Het Vijfringengodshuis bevond zich nog in de Jezusstraat (a). Jacobus Harrewijn (graveur), Plan van de stad Antwerpen en de Citadel (detail), 1711, kopergravure op papier, 39 x 53,8 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. PK.OP.19748).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-6.jpg
Fichier image/jpeg, 545k
Titre [Afb. 8]
Légende Primitief plan met detail van de heiliggeesthuisjes in de Sint-Jacobstraat. M.J.N. Vreven (landmeter), Antwerpen, sectie B, wijk 2, zestiende blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3904).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-7.jpg
Fichier image/jpeg, 169k
Titre [Afb. 9]
Légende Het oorspronkelijke godshuis Almaras vóór de heropbouw in 1838. Alexander II Casteels, De paardenmarkt voor het knechtjeshuis te Antwerpen, s.d., gouache, 19,5 x 45,5 cm (Gent, Universiteitsbibliotheek Gent, inv. BIB.TEK. 4783).
Crédits © CC-BY-SA 4.0.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-8.jpg
Fichier image/jpeg, 218k
Titre [Afb. 10]
Légende Primitief plan met detail van godshuis Almaras. M.J.N. Vreven (landmeter), Antwerpen, sectie B, wijk 2, zesde blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3894).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-9.jpg
Fichier image/jpeg, 168k
Titre [Afb. 11]
Légende Sint-Nicolaasplaats. Gezicht op het Sint-Niklaasgodshuis met muur en toegangspoort. Léon Detaille (fotograaf), 1943, zwart-witnegatief. M001040.
Crédits © Brussel, KIK, M001040.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-10.jpg
Fichier image/jpeg, 317k
Titre [Afb. 12]
Légende Primitief plan met detail van het godshuis Sint-Barbara. Gang van de Lange Nieuwstraat naar het godshuis. A.J.N. Reuflet (landmeter), Antwerpen, sectie C, wijk 3, tweede blad, 1823-1824 (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#3907).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-11.jpg
Fichier image/jpeg, 143k
Titre [Afb. 13]
Légende Percelenplan met detail van godshuis Crauwelenhof en de zogenoemde hoeve. D. Avanzo et Compagnie (graveur), F.A. Losson (ontwerper), Meetkundig plan met de percelen van de stad Antwerpen, 1846, lithografie, 73 x 110 cm (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#12523).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-12.jpg
Fichier image/jpeg, 619k
Titre [Afb. 14]
Légende Heiliggeesthuisjes onder de toren van de Sint-Jacobskerk. Onbekend, De Vijf Ringen, 1944, zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079162.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-13.jpg
Fichier image/jpeg, 324k
Titre [Afb. 15]
Légende Heiliggeesthuisjes onder de toren van de Sint-Jacobskerk. Onbekend, De Vijf Ringen, 1944, zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079163.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-14.jpg
Fichier image/jpeg, 316k
Titre [Afb. 16]
Légende De binnenplaats van het godshuis Lantschot met gezicht op de noordelijke vleugel in 2009.
Crédits Werkfoto (Marjolijn Bijloos).
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-15.jpg
Fichier image/jpeg, 367k
Titre [Afb. 17]
Légende Godshuis van de bontwerkers. Bontwerkersplaats met pomp in het midden. Onbekend, Bontwerkersplaats, 1944, zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079174.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-16.jpg
Fichier image/jpeg, 320k
Titre [Afb. 18]
Légende Godshuis Sint-Barbara, en toiletten in aanbouw, met lessenaarsdak. Onbekend, Godshuis Sint-Barbara, 1944, zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079215.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-17.jpg
Fichier image/jpeg, 384k
Titre [Afb. 19]
Légende Gezicht op de noordelijke huisjes, de gang en de pomp van godshuis Sint-Barbara. Edouard Tyck, De binnenhof van het Sint-Barbaragodshuis, 1910, olieverf op doek, 134,5 x 185,5 cm (Antwerpen, collectie Stad Antwerpen, MAS, inv. AV.1978.002.1-2).
Crédits © AV.1978.002.1-2, Collectie Stad Antwerpen – MAS, foto: Bart Huysmans.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-18.jpg
Fichier image/jpeg, 400k
Titre [Afb. 20]
Légende Plattegrond van godshuis Lantschot met geïntegreerde kapel aan de straatkant. Situatie eind jaren 1960 - begin jaren 1970. L. De Barsée et al., Oude kerkjes en kapellen, in Antwerpen die scone, 3, 1970, pl. 3, s.p.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-19.jpg
Fichier image/jpeg, 246k
Titre [Afb. 21]
Légende Kapel van godshuis Almaras aan de Paardenmarkt. Virgilius Bononiensis (tekenaar), Gillis Coppens van Diest (drukker), Plan van Antwerpen (detail), 1565, houtsnede, 141,5 x 275 cm (Antwerpen, collectie Prentenkabinet, Museum Plantin-Moretus, UNESCO Werelderfgoed, inv. MPM.V.VI.01.002).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-20.jpg
Fichier image/jpeg, 759k
Titre [Afb. 22]
Légende Verbouwing van de kapel van godshuis Van Nispen tot wasplaats. Jo Bloet (?) (werkopzichter), s.n. [Plan van godshuis Van Nispen in de Korte Ridderstraat], s.d. [ca. 1915] (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 2760#172).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-21.jpg
Fichier image/jpeg, 175k
Titre [Afb. 23]
Légende Gewitte gevels met zwarte plint. Wasplaats met oostelijke vleugel van godshuis Van der Biest. Onbekend, Godshuis Van Der Biest, s.d., zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079114.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-22.jpg
Fichier image/jpeg, 285k
Titre [Afb. 24]
Légende Percelenplan met detail van het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis. Twee huisjes zijn samengevoegd. D. Avanzo et Compagnie (graveur), F.A. Losson (ontwerper), Meetkundig plan met de percelen van de stad Antwerpen, 1846, lithografie, 73 x 110 cm (Antwerpen, Felixarchief-Stadsarchief Antwerpen, inv. 12#12523).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-23.jpg
Fichier image/jpeg, 575k
Titre [Afb. 25]
Légende Het Onze-Lieve-Vrouwgodshuis met gezicht op de achterzijde van de Schoenmakerskapel. Toegankelijk via Schrijnwerkersstraat 14-18. Situatie in 2009.
Crédits Werkfoto (Marjolijn Bijloos).
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-24.jpg
Fichier image/jpeg, 450k
Titre [Afb. 26]
Légende Voorgevel van de Sint-Annakapel en de ‘Zuivelwinkel’ ernaast. Toegang naar het Sint-Annagodshuis via de Korte Nieuwstraat. Onbekend, s.n., 1944, zwart-witnegatief.
Crédits © Brussel, KIK, B079149.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-25.jpg
Fichier image/jpeg, 330k
Titre [Afb. 27]
Légende Mutatieschets van het Sint-Niklaasgodshuis, bestaande uit twee vleugels. Op de plaats van de oostelijke vleugel kwam een washuis met toiletten (FODF, AAPD-OW, Centrum Antwerpen, Antwerpen, afd. 2, Mutatieschetsen, 1904, nr. 108, perceelnr. 2253a-d).
Crédits © CC0 1.0: Publiek domein.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-26.jpg
Fichier image/jpeg, 140k
Titre [Afb. 28]
Légende Plattegrond van het Sint-Barbaragodshuis met kapel. De gang werd afgesneden door de nieuwe gebouwen aan de Lange Nieuwstraat. L. De Barsée et al., Oude kerkjes en kapellen, in Antwerpen die scone, 3, 1970, pl. 2, s.p.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-27.jpg
Fichier image/jpeg, 235k
Titre [Afb. 29]
Légende Interieur van de kapel van godshuis Lantschot in 2009. Het koor heeft een barokke altaarportiek met grijze schaduwschildering (nu verdwenen). Het droeg oorspronkelijk het altaarstuk De apotheose van Lantschot van Theodoor Boeyermans. Dat schilderij wordt bewaard in de collecties van het OCMW.
Crédits Werkfoto (Marjolijn Bijloos).
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-28.jpg
Fichier image/jpeg, 400k
Titre [Afb. 30]
Légende Het godshuis Mazengang, met scheidingsmuur en toegang tot het godshuis Van Nispen. Katrien Van Acker (fotograaf), s.n., 2022, kleurenfoto.
Crédits © Brussel, KIK, X155616.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-29.jpg
Fichier image/jpeg, 469k
Titre [Afb. 31]
Légende De Crauwelengang. Een deel van de zogenoemde hoeve, blinde muur met toegang, en een vleugel van het godshuis. Katrien Van Acker (fotograaf), s.n., 2022, kleurenfoto.
Crédits © Brussel, KIK, X155607.
URL http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/docannexe/image/335/img-30.jpg
Fichier image/jpeg, 428k
Haut de page

Pour citer cet article

Référence papier

Marjolijn Bijloos, « Kleine godshuizen in Antwerpen, van oprichting tot herbestemming: armoe troef »Bulletin de l’Institut royal du Patrimoine artistique / Bulletin Van Het Koninklijk Instituut Voor Het Kunstpatrimonium, 37 | 2022, 74-113.

Référence électronique

Marjolijn Bijloos, « Kleine godshuizen in Antwerpen, van oprichting tot herbestemming: armoe troef »Bulletin de l’Institut royal du Patrimoine artistique / Bulletin Van Het Koninklijk Instituut Voor Het Kunstpatrimonium [En ligne], 37 | 2022, mis en ligne le 01 octobre 2022, consulté le 27 mai 2024. URL : http://0-journals-openedition-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/kikirpa/335 ; DOI : https://0-doi-org.catalogue.libraries.london.ac.uk/10.4000/kikirpa.335

Haut de page

Auteur

Marjolijn Bijloos

Marjolijn Bijloos (1985) is documentalist bij het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK). Ze behaalde in 2007 een masterdiploma in de kunstwetenschappen en archeologie aan de VUB, met een masterproef over de Brusselse gasthuizen (promotor prof. dr. Thomas Coomans). Over datzelfde onderwerp publiceerde ze een artikel in het tijdschrift Geschiedenis der geneeskunde. In 2009 voltooide ze aan de Artesis Hogeschool Antwerpen haar studies in de monumenten- en landschapszorg. Ditmaal vormden de Antwerpse godshuizen het thema van haar eindverhandeling. Marjolijn Bijloos behaalde in 2018 het certificaat van behoudsmedewerker erfgoed. Ze is als vrijwilliger actief bij Blue Shield Belgium en bij diverse musea voor wat betreft preventieve conservatie. Dit artikel is gebaseerd op Bijloos 2009. Het OCMW-Archief van Antwerpen verhuisde naar het Felixarchief tijdens het tot stand komen van dit artikel. Vanwege de overbrenging moet een deel van dit archief nog ontsloten worden en is het tijdelijk niet te raadplegen. Een concordantie ontbreekt, maar waar mogelijk werden de nieuwe referenties gebruikt. In de referenties wordt de schrijfwijze van eigennamen gebruikt zoals ze in de bron werd toegepast.

Haut de page

Droits d’auteur

CC-BY-4.0

Le texte seul est utilisable sous licence CC BY 4.0. Les autres éléments (illustrations, fichiers annexes importés) sont « Tous droits réservés », sauf mention contraire.

Haut de page
Rechercher dans OpenEdition Search

Vous allez être redirigé vers OpenEdition Search